barnowlblues.punt.nl
by Eric Campfens
Laatste artikelen

De naam van de artiest en de titel van de cd doen vermoeden dat we het hier met een Amerikaan te doen hebben. Niets is minder waar. John Verhoeven, zoals Mercy John bij de burgerlijke stand staat ingeschreven, komt uit het Noord-Brabantse Erp. Naast muzikant is John docent music marketing aan Fontys in Tilburg. Onder de naam John Henry bracht hij al het goed ontvangen album “Five More Days & A Matter Of Somewhere” uit.

Nu is zijn nieuwe cd “This Ain’t New York” verschenen, waarop hij zich Mercy John noemt. Een album met twaalf nummers, dat is geproduceerd door de gerenommeerde Gabriël Peeters. John wordt begeleid door zijn eigen band, bestaande uit Rolf Verbaant op gitaar, Kirsten Boersma op toetsen, Tom Zwaans op bas en John Maasakkers op drums. De zelfgeschreven nummers gaan over  eenzaamheid en verdriet, hoop en liefde, angst en heimwee. Zeer persoonlijk. Mooi geschreven en gemusiceerd. Mijn persoonlijke favoriete nummers zijn “The Rain” en “Strangers”, de laatste door zowel de zeer beklemmende tekst als het prachtige gitaarwerk van Verbaant, die het nummer op het eind naar een mooi hoogtepunt stuwt.

Met “This Ain’t New York” heeft John opnieuw een prachtig album uitgebracht. Op 12 februari vond de cd-presentatie plaats in Poppodium W2 in ’s Hertogenbosch. Mercy John toert deze maanden als voorprogramma van J.W. Roy door het land.

Website: www.mercyjohn.com


Reacties

John Ginty is een veelgevraagd organist/toetsenist uit New Jersey, die heeft gespeeld met artiesten als Jewel, Santana, Allman Brothers, Gov’t Mule, Ron Sexsmith om er maar een paar te noemen. Ook stond hij aan de wieg van Robert Randolph Family Band en heeft hij een aantal succesvolle albums op zijn naam staan. As ter Pheonyx is een gevierde rockzangeres uit dezelfde stad. Nadat zij een keer het voorprogramma van Ginty had verzorgd en tijdens diens set meezong bleek het tussen beiden te klikken.

Het resultaat van deze klik ligt er nu in de vorm van het gezamenlijke album “Rockers”. Op de cd staan twaalf eigen nummers, waarvan tien van Ginty/Pheonyx en twee van Ginty met zijn bandleden Justine Gardner (bas) en Maurice ‘Moe’ Watson (drums). Verder maakt gitarist Mike Buckman deel uit van de band. De titel van de cd dekt de lading prima. Het is inderdaad een stevig rockend geheel geworden. Pheonyx is een prima zangeres, die zowel rocknummers als ballads uitstekend weet te vertolken. Aan de kwaliteiten van Ginty als toetsenspeler hoeft niet te worden getwijfeld, en ook de rest van de band is goed op dreef. Er is voldoende variatie door invloeden van soul en blues om het een interessant geheel te houden. De beste nummers zijn naar mijn smaak het rockende “Lucky 13”, waarbij drummer Watson er de gang flink in houdt, en “Mr. Blues”, waarbij Asters zangkwaliteiten grote indruk maken.

Liefhebbers van bluesrock met een stevige portie soul zouden deze cd zeker moeten beluisteren.

Website: www.johngintymusic.com

Reacties (2)

Nadat hij in 2009 een tijdje in de gevangenis heeft gezeten voor het bezit van drugs en een wapen heeft het een tijdje geduurd, maar met “Middle Of The Road” vindt Eric Gales zelf dat hij geestelijk en lichamelijk weer sterk genoeg is om de wereld aan te kunnen. Ondanks de hoge kwaliteit van voorgaande albums meent hij er nu weer helemaal bovenop te zijn. De van oorsprong rechtshandige gitarist, die zich zelf op een rechtshandige gitaar linkshandig heeft leren spelen werd in 1991 als grote belofte gezien toen hij als 16-jarige zijn eerste cd uitbracht. Voor zijn collega’s en kenners heeft hij die belofte volledig heeft ingelost. Het grote publiek blijft nog wat achter.

Op “Middle Of The Road” staan elf nummers die zich allemaal bewegen in de wat stevigere blues met duidelijke soul- en funkinvloeden. Zijn begeleiders zijn Aaron Haggerty (drums), Dylan Wiggins (Hammond B3), LaDonna Gales (backing vocals) en Maxwell ‘Wizard’ Drummey (mellotron). Verder horen we als gastmuzikanten onder meer Gary Clark Jr. en Eugene Gales. Eric Gales zelf neemt zang, de gitaren en bas voor zijn rekening. In het eerste nummer “Good Time” laat hij horen dat hij helemaal terug is (‘I’m back and I’m bad’) en “Change In Me (the Rebirth)” bevestigt dit nog eens. Het mooiste nummer voor mij is “Help Yourself”, een rockend bluesnummer waarin we de nog maar 17-jarige Christone ‘Kingfish’ Ingram samen met Gales horen vlammen.

Het zou zo maar eens kunnen dat Eric Gales met “Middle Of The Road” eindelijk bij het grote publiek doorbreekt en zijn zo verdiende plaats kan innemen tussen de collega’s bij wie dit wel is gelukt. Het album biedt in ieder geval alle kansen daartoe.

Website: www.ericgalesband.com


Reacties (1)

Het was op 25 januari 2017 alweer 25 jaar geleden dat Champion Jack Dupree overleed. De in 1909 in New Orleans geboren pianist maakte in de veertiger jaren zijn eerste opnamen. Hij woonde sinds de zeventiger jaren in het Duitse Hannover, waar hij jarenlang zijn eigen club, Blues Meile, had. Daar speelden legendes als Lightnin’ Hopkins, Brownie McGhee, Sonny Terry en Memphis Slim samen met hem.

Op 28 juli 1980 trad Champion Jack Dupree op in de WDR studio in Keulen. De opnamen zijn destijds uitgezonden op tv als onderdeel van de Rockpalast-serie. Naar aanleiding van het feit dat hij 25 jaar geleden overleed zijn deze opnamen zijn nu uitgebracht op een gecombineerde dubbel-cd en dvd, met de passende titel “Live At Rockpalast - Cologne 1980”. Dupree wordt begeleid door zijn vaste gitarist, de Deen Kenn Lending met wie hij vanaf de zeventiger jaren tot aan zijn dood een innige vriendschap had. Op “Live At Rockpalast - Cologne 1980” voert Dupree de luisteraar door een reis door zijn verleden met deels eigen nummers, deel covers. En het geheel aan elkaar gepraat, waarbij zijn humor nooit ver weg is. Nummers die we te horen en - op de dvd - ook te zien krijgen zijn onder meer “One Scotch One Bourbon One Beer”, “I Never Went To School”, “Drinking Wine Spo-dee-o-dee”en ”Pinetop's And Champion's Boogie Woogie”. Het concert is een belevenis te noemen. Goed gespeeld, leuk gebracht. De opnamen zijn zowel in beeld als geluid uitstekend. Het geheel is netjes uitgevoerd in digipack met veel foto’s. Deze dubbel-cd/dvd is een document en daardoor een absolute aanrader.

Website: www.mig-music.de


Reacties (1)

De Canadese bluesman Steve Hill speelt niet alleen uitstekend gitaar; ook is hij bedreven met bas, drums, harmonica en zingt hij bovendien. Goed, toegegeven, er zijn meer multi-instrumentalisten. Maar Steve Hill bespeelt deze instrumenten ook allemaal tegelijk en is staat om als een complete band te klinken. Zoals de naam van dit album al suggereert is dit zijn derde project onder de naam “Solo Recordings”. Buiten alle instrumenten heeft hij de cd ook in zijn eentje geproduceerd en een groot deel van de nummers geschreven.

Steve produceert over het algemeen een stevig geluid, maar hij weet door het opnemen van akoestische stukken ook voldoende variatie aan te brengen. Hierdoor blijft de cd van begin tot eind interessant. De eigen nummers zijn wat mij betreft het beste, maar ook covers als “Still A Fool & A Rollin’ Stone” en “Stop Breaking Down” mogen er zijn. Het is onvoorstelbaar wat deze man in zijn eentje zonder overdubs en andere foefjes voor elkaar krijgt. Mijn favoriete nummer van het album is de bluesshuffle “Smoking All Over”, waarop hij naast drums, bas en gitaar ook nog eens mondharmonica blaast.

Een fantastisch album van deze alleskunner. Zeker waard om te worden beluisterd.

Website : www.stevehillmusic.com

Reacties (1)

Met hun eigenzinnige mix van blues, r&b, funk en soul vormt Jack Mack & The Heart Attack Horns al ruim drie decennia een vaste waarde in hun eigen land. De eerste cd verscheen in 1982 en werd geproduceerd door Glenn Frey. Door de jaren heen is de gehele bezetting gewisseld, maar de muziek en visie is hetzelfde gebleven. De acht leden hebben naast bij Jack Mack & The Heart Attack Horns ook gewerkt met de Eagles, CS&N, Bonnie Raitt, Robert Cray en Rod Stewart om er maar enkelen te noemen. We hebben het dan ook over mensen als Tony Braunagel (drums), Mike Finnigan (toetsen) en Andrew Kastner (gitaar).

“Back To The Shack” is het negende album van de band en het klinkt als we van hen gewend zijn. Niets nieuws onder de zon, zou je denken, maar gewoon solide en lekker. Tien nummers met soul en r&b doorspekte blues. Negen ervan zijn geschreven door de bandleden Mark Campbell (zang), Andrew Kastner (gitaar) en Bill Bergman (saxofoon). De enige cover is “Ain’t No Way” van Carolyn Franklin, de jongere zus van Aretha Franklin. De cd begint verrassend rustig met het akoestische “Standin’ Before The King” om daarna vanaf “Somethin’ In The Water” tot “Let Me In” los te barsten in swingende soul en blues. Kleine uitstapjes, zoals met het funky “Bad Habit” en de al genoemde ballad “Ain’t No Way” zorgen voor de nodige variatie en houden het geheel interessant. Ook na ruim 35 jaar is het vuur niet verdwenen, dat is wel duidelijk.

Website: www.jackmack.com

Reacties (2)

Enkele jaren gelden werden Martin Harley en Daniel Kimbro door een wederzijdse vriend aan elkaar voorgesteld. Er volgde meteen een geïmproviseerde repetitie. De samenwerking beviel kennelijk, want hun tweede cd “Static In The Wires” is nu uitgebracht. Het is de zevende cd voor Harley, een van de beste slidegitaristen van dit moment. Geboren in Zuidoost Engeland leerde hij slide spelen toen hij Australië woonde. Hij bespeelt een 100 jaar oude Weissenborn, een Hawaiiaanse lapguitar. Daniel Kimbro woont in Tennessee, is ooit begonnen met gitaar en is nu bekend als een van de beste bassisten. Meestal een staande bas, zowel plukkend als met strijkstok.

De combinatie van beide muzikanten werkt uitstekend . Er is een symbiose tussen beiden en het resultaat mag er zijn. De heren worden op enkele nummers begeleid door gitarist en Grammy Award winnaar Jerry Douglas (op “Feet Don’t Fail Me”), drummer Derek Mixon en pianist Micah Hulsher.  “Static In The Wire” bevat elf door Martin Harley geschreven nummers, waarin hij bewijst buiten een goed zanger en gitarist ook nog een uitstekende songwriter te zijn. Zoals een goed songwriter betaamt zijn het nummers die uit eigen observaties en ervaringen zijn ontstaan. Kleine verhaaltjes met muzikale omlijsting. Het niveau van elk nummer is praktisch overal even hoog, zodat het lastig is te benoemen welk voor mij nu het beste nummer is. Dat laat ik aan de luisteraar zelf over.

In de komende maanden toeren Martin Harley en Daniel Kimbro door Europa. Iets om in de gaten te houden.

Websites: www.martinharley.com en www.danielkimbro.com

Reacties (5)

Na een Robert Johnson-achtige ervaring besloot Larry Griffith ook maar eens gitaar te leren spelen. In een droom, die zich drie nachten achter elkaar herhaalde, zag hij zich als gitarist die het publiek volledig verbijsterde. Griffith was toen een veelgevraagd sessiedrummer, die al had gespeeld met mensen als Taj Mahal, Bob Margolin en Susan Tedeschi. Toen hij het gitaar spelen enigszins beheerste begon de zaak te lopen als een trein en met zijn band heeft hij nu een aantal cd’s en singles uitgebracht en is hij een gewaardeerde gast op de podia.

“Shake It Loose” is het meest recente album dat hij heeft uitgebracht. We treffen zes goed geschreven en gespeelde nummers op aan. Hij wordt begeleid door een uitstekende band met blazers en orgel, die garant staan voor een swingend geheel. Griffith is een goed zanger en gitarist en bovendien een prima songwriter. Mijn favoriete nummers zijn de ballad “Our Love Is In Good Hands” en de boogie “Shake It Loose”. Toch een puntje van kritiek, met zes nummers en een speeltijd van minder dan 35 minuten is de cd m.i. te kort. Ik had het liefst minimaal nog drie nummers willen horen. Zeker als het gaat om nummers van deze kwaliteit.

Website: www.larrygriffithmusic.com

Reacties (3)

Tim de Graeve, zoals hij bij de burgerlijke stand bekend staat, is bij onze zuiderburen een van de grote namen in de blues en roots. En ook in Nederland heeft hij naam gemaakt. Met zijn vorige cd “Stepping Up” kreeg hij zowel nationaal als internationaal grote waardering.

Met zijn recente cd “Melodium Rag” gaat Tim terug naar de basis, zang, gitaar en harmonica. We treffen twaalf nummers aan, waarvan elf eigen composities, waarop hij zichzelf begeleid op zijn Martin 017 gitaar uit 1943 en hooguit de harmonica van Steven Troch te horen is. Een vergelijking trekken met Brownie McGhee en Sonny Terry is snel gedaan, maar dat gaat niet helemaal op. Tims stijl is meer geënt op die van de Mississippi Delta en wijkt duidelijk af van de Piedmontstijl van McGhee. Er zijn bij de opnames geen kunstgrepen toegepast, zoals overdubs. Alles is in een take opgenomen, wat de puurheid van de muziek alleen maar ten goede is gekomen. Een prima album met mooie bluesnummers en rags. Aanrader.

Website: www.tinylegstim.com

Reacties (2)

“Pushing Fire” is het debuutalbum van het uit Los Angeles afkomstige Soul Scratch. Het zestal rond zanger Dale Spollett is in hun thuisland de nieuwe sensatie. En niet ten onrechte. Ze spelen soul en funk waar de vonken vanaf vliegen, hun songs geeft vertwijfeling en woede weer, zoals we die van Marvin Gaye's “What's Going On” en “Inner City Blues” kennen.

Het begint al met de opener “Pacified”, waarin de huidige maatschappij in al zijn negatieve facetten wordt geschilderd en de gewone burger het maar laat gebeuren. “Look How Far We've Come” doet nog een extra duit in het zakje. Het gaat echter niet allemaal over maatschappelijke wantoestanden, ook persoonlijke ervaringen worden gedeeld, zoals het eenzame “It's Not Over” of het liefdeslied “Kiss Me In The Morning”. Muzikaal zit het ook prima in elkaar. Het swingt dat het een lieve lust is en Spollett beschikt over een stem om jaloers op te worden. Grandioos.

Website: www.soulscratchband.com


Reacties (2)
Domeinregistratie en hosting via mijndomein.nl