barnowlblues.punt.nl
by Eric Campfens
Boeken 
 
0 Robert Crumb - R. Crumbs's Heroes of Blues, Jazz & Country
0 Marybeth Hamilton - In Search Of The Blues
0 Lawrence Hill - Het Negerboek
0 Alan Lomax - The Land Where The Blues Began
0 Guido van Rijn - President Roosevelt's Blues
 
 
 
 
Films
 
0 Cadillac Records
0 Times Like Deese
 
Lees meer...
The Land Where The Blues Began is een van de mooiste boeken dat ik ooit heb gelezen op het gebied van blues. Tijdens het lezen van dit boek ondervind je koude rillingen, woede, verdriet, maar ook plezier, verbazing en uiteindelijk begrip en ontzag.
Alan Lomax, die jaren daarvoor al met zijn vader in opdracht van het Library of Congress onderweg was de Amerikaanse cultuur vast te leggen, vertelt in dit boek over zijn reizen aan het begin van de veertiger jaren. Voorzien van opname-apparatuur bezoekt Lomax met zijn team de steden, dorpen en plantages in Mississippi. In eerste instantie was hij op zoek naar Robert Johnson, die drie jaar daarvoor al was gestorven, en komt in aanraking met Son House, Honeyboy Edwards en een nog heel jonge Muddy Waters. Naast blues komt hij in aanraking met folk-, populaire en kerkmuziek en de “hollers”, waarin slaven, gevangenen, bootwerkers, spoorwegbouwers, boeren en ook zwervers zingen over hun boosheid, pijn, liefdes, eenzaamheid en frustraties. Als hij de kroegen bezoekt in de zwarte wijken krijgt de blanke Alan Lomax het aan de stok met de sterke arm, maar dat weerhoudt hem er niet van door te zetten.
 
Daarnaast wordt in het bezoek de evolutie van de blues beschreven in de pijnlijke herinneringen aan een arme jeugd, familieleven, gevangenis, het werk op het land, Jim Crow, onvoorstelbare mishandelingen, moord en vernieling. Met instrumenten, die zij uit stukjes draad en houten kistjes, boomtakken of wat zij ook konden krijgen, vervaardigden gaven deze bluesmeesters hun kennis en herinneringen door aan volgende generaties totdat dit uiteindelijk tot bloei kwam in de handen van jongere generaties. Zwarten die een beter leven zochten vertrokken naar noordelijker gelegen plaatsen als Chicago, New York, Kansas City en de bluesmuzikanten volgden hen.
 
Na het lezen van dit boek heb ik een nog groter respect gekregen voor deze financieel arme, maar geestelijk rijke mensen, die hun leed omzetten in een muziekgenre dat na verloop van tijd de wereld veroverde en hun stem liet horen. En daarnaast een groot ontzag voor Alan Lomax en zijn collega's, die deze mensen thuis bezocht en hen een stem gaf. 
Lees meer...   (1 reactie)
Vanavond, 5 juli 2011, is de film Cadillac Records te zien op RTL 8. Cadillac Records gaat over de opkomst van het invloedrijke blueslabel Chess. Het label, opgericht door de uit Polen geëmigreerde gebroeders Chess, ontdekten bluesmuzikanten als John Lee Hooker, Howlin'Wolf, Muddy Waters, Bo Diddley, Etta James en vele anderen. De rol van Etta James wordt vertolkt door Beyoncé.

Lees meer...   (2 reacties)
Met “President Johnson's Blues” duikt Guido van Rijn door het ontleden van de teksten van bluessongs en spirituals voor de vierde keer in de recente Amerikaanse geschiedenis. Wat in 1995 met “Roosevelt's Blues” begon als proefschrift, waarmee hij promoveerde tot doctor in de Engelse letteren, is inmiddels uitgegroeid tot een waar naslagwerk. Na deze eersteling zijn inmiddels ook “The Truman and Eisenhower Blues” en “Kennedy's Blues” gevolgd en inmiddels ligt dan het vierde exemplaar voor mij.
 
De titel van het boek dekt niet helemaal de lading, maar de subtitel vult dit gelukkig aan: “African-American Blues and Gospel songs on LBJ, Martin Luther King, Robert Kennedy and Vietnam 1963-1968”. En net als bij de vorige drie boeken is ook bij deze uitgave de bijbehorende muziek verschenen. Deze keer zelfs op twee cd's: “President Johnson's Blues” en “Martin Luther King's Blues”. Op de cd's staan een deel van de songs die in het boek door van Rijn zijn aangehaald.
Dit nieuwe boek is het beste van de vier. Het beschrijft een belangrijk stuk van de Amerikaanse geschiedenis, waarin er heel veel gebeurde voor de zwarte burgers. De moorden op John F. Kennedy, Martin Luther King en Robert Kennedy, de geweldloze vrijheidsstrijd die werd aangevoerd door King, de oorlog in Vietnam waarbij de vroegere vrienden Johnson en King gezworen vijanden werden enz. Na de moordaanslag op John F. Kennedy werd Lyndon Johnson met open armen door de zwarte bevolking ontvangen. Hij slaagde erin de Civil Rights Bill in 1964 door het Congres te laten aannemen. En na de vreedzame mars naar Selma, Alabama, die door leger en politie gewelddadig uiteen werd gejaagd, versnelde hij in 1965 de Voting Rights Act, waarbij de zwarten stemrecht kregen.
Het boek beschrijft verder middels de songteksten de acties van Martin Luther King tot aan zijn dood in 1968 en die van Robert Kennedy, die enkele maanden later werd vermoord. Ook de belevenissen van de soldaten in Vietnam worden uitgebreid beschreven. In het laatste hoofdstuk behandelt van Rijn het ontwakenende bewustzijn van de zwarte gemeenschap.
 
Guido van Rijn heeft veel werk gestoken in het uitschrijven van de teksten en met behulp van deze een flink stuk Amerikaanse geschiedenis te beschrijven. Het is een imponerend stuk werk geworden en is – net als de drie eerdere boeken – absoluut aanbevolen voor degenen die niet alleen geïnteresseerd zijn in blues, maar ook meer willen weten over de omstandigheden, waarin deze het betreffende tijdvak tot stand is gekomen.
Het boek is voor € 30,- verkrijgbaar in de boekhandel, maar ook rechtstreeks te bestellen bij Guido van Rijn op http://home.tiscali.nl/guido. De bijbehorende cd's kosten € 15,- per stuk.
Lees meer...   (2 reacties)
De titel 'Het Negerboek' heeft nogal wat stof doen opwaaien. Zo zijn kopieën van het boek onlangs bij het Slavernijmonument in Amsterdam symbolisch verbrand. De inhoud van het boek deed er kennelijk niet toe. Als men de moeite had genomen het boek en de verklaring van de titel te lezen dan was men wellicht op andere gedachten gekomen. De oorspronkelijk titel is overigens “The Book Of Negroes” en het feit dat de schrijver van Afrikaanse afkomst lijken mij de beste argumenten het boek zijn originele titel te laten behouden.
Het verhaal gaat over het meisje Aminata, die in de Afrikaanse binnenlanden woont en als ze nog klein is wordt weggevoerd en in de hel van een slavenschip belandt. Na een lange voettocht naar de kust wordt ze op het schip gebracht dat haar naar Amerika brengt. Na een verschrikkelijke reis met geweld, ziekte en dood komt ze daar aan en wordt ze door een blanke plantage-eigenaar gekocht. Ze komt op een indigoplantage in Virginia terecht. Daar wordt ze door twee oudere slaven onder hoede genomen. De vrouwelijke slaaf neemt haar mee om te helpen bij bevallingen en de mannelijke slaaf leert haar lezen en schrijven. Ze trouwt met een slaaf van een andere plantage, die zij nog kent van de zeereis. Van hem raakt ze in verwachting, maar haar eigenaar neemt het kind af en verkoopt de baby. Aminata, die inmiddels Meena wordt genoemd, wordt verkocht aan een joodse indigohandelaar. Hij en zijn vrouw behandelen haar goed en zij verdient geld door vrouwen in de buurt te helpen bij bevallingen. Omdat zij kan lezen en schrijven doet zij de administratie van haar eigenaar.
Als ze te horen krijgt dat hij destijds heeft geholpen haar kind te verkopen krijgt zij ruzie met hem. Tijdens een reis naar New York, waar zij hem begeleid voor zaken, ontsnapt zij. In de achterbuurten helpt zij weer vrouwen bij bevallingen en geeft zij lees- en schrijfles aan andere zwarten. Zij komt haar man weer tegen en raakt weer zwanger van hem. Nadat Amerika zich heeft bevrijd van de Engelsen krijgen zij en haar man, samen met nog zo'n 3000 voormalige negerslaven, de gelegenheid als vrije zwarten naar Nova Scotia te reizen. Haar man reist vooruit en komt, zo ervaart zij jaren later tijdens de boottocht in een storm om het leven. Aminata wordt door de Engelsen gedwongen mee te helpen met het noteren van de namen van de 3000 mensen. Hun namen staan stuk voor stuk opgetekend in een bestaand historisch document uit 1783 dat de naam “Book of Negroes” draagt, Het Negerboek.
Na haar reis naar Nova Scotia gaat zij weer aan de slag als vroedvrouw en lerares. Ook werkt zij in de huishouding bij een rijke blanke familie. Ze bevalt van een dochter. Door een economische recessie keren zich de arme blanken tegen de zwarten en tijdens zo'n overval moet zij een tijdje onderduiken. Ze laat haar dochter bij die rijke familie achter om haar later weer op te halen. Maar als zij daar weer op de stoep staat blijkt de familie met haar dochtertje te zijn verdwenen.
Rond deze tijd maakt een Engelse kapitein zich sterk voor de terugkeer van de zwarten naar Afrika. Samen met Aminata bezoekt hij de zwarten en hij weet er velen zover te krijgen met hem mee te reizen.  
Omdat zij alles heeft verloren reist zij ook mee terug naar Afrika. Ook dit loopt uit op een grote teleurstelling. De voormalige slaven bouwen in Afrika een nieuwe stad, Freetown in het huidige Sierra Leone, op. Maar het blijft een gevaarlijke onderneming. Slavernij en slavenhandel zijn nog steeds niet verboden en Aminata en haar metgezellen lopen nog steeds het risico opnieuw gevangen en verkocht te worden. Dat gebeurt met haar ook bijna als zij haar geboortedorp wil zoeken en er door slavenhandelaars wordt heen gebracht. Gelukkig hoort zij dat zij van plan zijn haar weer te verkopen en zij ontsnapt. Ze wordt een maand lang in een klein dorp opgevangen en komt daar weer op krachten voordat zij weer terugkeert naar Freetown.
 
Vanuit Afrika reist Aminata naar Londen. Daar vertelt ze opnieuw haar verhalen, als ze door de abolitionisten wordt ingezet als boegbeeld in hun strijd voor afschaffing van de slavenhandel. Ze vindt een plek om te wonen en vindt har inmiddels achttien jaar oude dochter terug. Aminata stelt haar verhaal op schrift, waarbij ze nog moet vechten om haar eigen woorden te kiezen en om een uitgever te vinden die niets in haar tekst zal veranderen. Uiteindelijk zal haar verhaal bijdragen tot de afschaffing van de slavenhandel.
 
De auteur Lawrence Hill stamt zelf af van Amerikaanse slaven. Tijdens stamboomonderzoek ontdekt hij de opzienbarende rondreis van sommige slaven en hij stuit op The Book of Negroes, de nauwkeurige opsomming van slaven die naar Nova Scotia vertrokken, hoe oud en fit ze zijn en hoe ze hun vrijheid kregen.
Het inspireerde hem tot deze meeslepende roman. Aminata is een verzonnen personage, maar het boek is heel precies gebaseerd op echte historische gebeurtenissen en Hill heeft zorgvuldig recht gedaan aan de werkelijkheid van toen. En dat maakt ”Het Negerboek” zo’n mooi boek. Het is een indrukwekkende beschrijving van het achttiende-eeuwse slavenbestaan, samengebald in de geschiedenis van één vrouw.
Lees meer...   (5 reacties)
Het idee dat de blues is geboren in de Mississippi Delta, het stukje land in het noorden van de staat Mississippi en het zuiden van Tennessee, dat wordt begrensd door de rivieren de Mississippi en Yazoo. De vruchtbare grond bracht katoen en slavernij voort en de radeloosheid werd geuit in de wanhopige kreten van Charley Patton, Son House en Robert Johnson. En zelfs vóór hun tijd bestond de blues. Het was W.C. Handy, die zich een avond in 1903 herinnerde, toen hij op een avond op het station van Tutwiler zat te wachten toen “a lean, loose-jointed Negro had commenced plunking a guitar beside me as I slept. His clothes were rags; his feet peeped out of his shoes. His face had on it the sadness of the ages. As he played, he pressed a knife on the strings of the guitar ... his song struck me instantly ... the weirdest music I had ever heard.”
De schrijfster van het boek, Marybeth Hamilton, zet haar vraagtekens bij het feit dat de blues ook daadwerkelijk hier in de Delta is ontstaan. Het is Hamilton er niet om te doen dat de blues voortkomt uit de muziek van West- en Centraal-Afrika en zij twijfelt ook niet aan de oprechtheid van de muzikanten. Wat zij in haar boek aan de kaak wil stellen zijn de motieven van bluesresearchers als Howard Odum, die volgens eigen zeggen al in 1907 bluesopnamen heeft gemaakt, maar deze had weggegooid, de folkloristen John en Alan Lomax, die vele duizenden opnamen hebben gemaakt, en latere schrijvers en onderzoekers, die de 'blues' een plaats in de muziekgeschiedenis hebben gegeven. En dat terwijl de 'blues' volgens haar helemaal niet bestaat.
 
Dit is een mening die ik niet met haar deel. Toch is het een interessant boek, waarbij Hamilton als een soort detective de achtergronden en motieven van de onderzoekers. In dit 309 pagina's tellende boek haalt zij veel interessante feiten over et leven van de muzikanten naar boeken. Alleen al daarvoor is het een aanbeveling waard.
Dat zij een andere mening heeft dan ik doet niets af aan het feit dat het een prima en goed leesbaar boek is. Het is immers verfrissend andere meningen te horen om over bepaalde zaken te gaan nadenken.
Lees meer...   (1 reactie)
Robert Crumb is een Amerikaans illustrator, wiens werk onder de muziek-liefhebbers het meest bekendst is door de hoes van “Cheap Thrills” van Big Brothers & the Holding Company. Hij is een groot liefhebbers van oude blues, jazz en country en is een verzamelaar van deze muziek. Zijn werk als tekenaar is naast het al eerder genoemde album te zien op tientallen andere platen, waaronder een flink aantal die door het Yahoo-label zijn uitgegeven.
Door zijn werk voor dit label rees een vijfentwintig jaar al het idee een serie met de titel “Heroes Of The Blues” uit te geven. Bij iedere van deze door Yahoo uitgegeven platen zat een door Crumb getekende kaart. En om de set compleet te krijgen moest je de hele serie van 36 lp's aanschaffen. Uiteindelijk werden op deze manier ook series voor jazz en country uitgegeven.
Enkele jaren geleden heeft men besloten deze complete serie in boekvorm onder de titel “R. Crumb's Heroes of Blues, Jazz & Country”. Door gebruik te maken van oude foto's en krantenknipsels heeft Crumb prachtige tekeningen gemaakt in de stijl die voor hem typerend is. In dit boek zijn in totaal 111 artiesten opgenomen, uiteenlopend van Williams Moore, Skip James en Papa Charlie Jackson tot Bix Beiderbecke, King Oliver en de East Texas Serenaders. Bij iedere artiest staat een korte beschrijving van diens leven.
 
Gezien het weinige basismateriaal, waarmee hij moest werken, heeft Crums fantastisch werk afgeleverd door de gezichten en uitdrukking te geven, waardoor ze 'menselijker' overkomen.
Bij het boek is een door Yahoo uitgegeven cd toegevoegd met 21 nummers van artiesten die staan beschreven. Op de cd staan o.a. de Memphis Jug Band, Skip James en Frank Stokes naast country-artiesten als de Shelor Family, de Weems String Band en jazzmusici als King Oliver en Jelly Roll Morton.
 
Verwacht in dit boek geen diepgaande analyses en uitgebreide biografieën. De kracht ligt hem hier in de levendige tekeningen. Gewoon een leuk boek om te hebben en af en toe eens door te bladeren.
 

Lees meer...   (6 reacties)
Times Like Deese
Veteranenverhalen in Nederlandse documentaire over zwarte bluesmuzikanten
(overgenomen uit Checkpoint, maandblad voor veteranen)
 
Muziek en veteranen, het is een combinatie waar we in Checkpoint al eerder uitgebreid aandacht aan besteed hebben. In de fraai gefilmde documentaire Times Like Deese, you can't keep a man down always van Thomas Doebele en Maarten Schmidt komen jonge en oude zwarte muzikanten aan het woord over de Amerikaanse samenleving toen en nu. Het levert enkele aangrijpende verhalen van veteranen op.
 
De oude generatie in Times Like Deese drukt zich uit via de traditionele bluesmuziek, de jongeren worden vertegenwoordigd door rappers en hiphoppers. Ze vertellen over hun leven, maar gaan ook in op de geschiedenis van hun land die getekend is door crises en oorlogen waar zij als zwarte burgers bij uitstek mee te maken hebben (gehad). In deze anderhalf uur durende documentaire, die opgebouwd is aan de hand van portretten van veelal kleurrijke muzikanten, komen enkele veteranen voor met universele verhalen. Zo is er blueszanger Josh 'Razorblade' Steward, die vertelt hoe hij van zijn missie terugkwam in Amerika en niemand durfde te vertellen dat hij aan de Vietnamoorlog had deelgenomen.
Het was een erg impopulaire oorlog”, legt hij uit. Daar kwam voor hem nog bij dat de raciale verschillen die tijdens zijn uitzending in de gezamenlijke strijd wegvielen, terug in Amerika onverminderd werden voortgezet in een vorm van apartheid die nu bijna niet meer voorstelbaar is. “Hoe moest je daarmee dealen? Nu krijgen ze, terug uit Irak of Afghanistan, een debriefing. Destijds hadden ze nog nooit gehoord van een posttraumatische stress stoornis.” Heel aangrijpend is ook het verhaal van 'Blind Mississippi' Morris Cummings over hoe hij als kind ontdekte dat hij langzaam maar zeker blind werd. Zelf is hij uiteraard geen veteraan, maar hij zingt vervolgens wel de prachtige blues “Lord Have Mercy” over een zoon die gewond terugkeert uit de oorlog.
 
Trailer
 
Vietnamveteraan en blueszanger Charlie Sayles vergelijkt de plankenkoorts van een muzikant met de angst die je als militair hebt als je zit te wachten op de helikopter die je naar het front brengt. Met zijn bassist voert hij, gewoon op straat, de song “Goodbye To Vietnam” uit. Het nummer refereert aan de ellende op het slagveld en de ontberingen in de Vietnamese jungle. Dat niet iedereen daar zonder kleerscheuren van is teruggekomen, wordt geïllustreerd door blueszanger en gitarist Chester 'Memphis Gold' Chandler, die je als kijker meeneemt op zijn frequente gang naar een veteranenzorgcentrum. Daar vertelt een Vietnamveteraan een ontroerend verhaal over hoe hij zonder benen terugkeerde uit de oorlog. Zijn mooie jonge vrouw had geduldig op hem gewacht en bleef aan zijn zijde, iets waar hij nog steeds verbaasd over is.
Aan het einde van de documentaire wordt ingezoomd op de begrafenis van een in Afghanistan gesneuvelde zwarte militair en zingt Jimmy 'Duck' Holmes “The War Is Over.... And I Think Nobody Won”.
Eerder is door een andere jonge hiphopper gesproken over de hoge verwachtingen die hij had van de eerste zwarte Amerikaanse president Barack Obama en in hoeverre deze zijn ingelost. Met name ten aanzien van de oorlogen in Irak en Afghanistan, die onder zijn voorganger George Bush zijn begonnen. De film eindigt dan ook met een hartstochtelijk muzikaal pleidooi van 'Blind Mississippi' Morris Cummings': “Oh, mr. Obama, please don't give up on the dream.”
 
 
De documentaire “Times Like Deese” is sinds 6 oktober te zien in de filmtheaters. De film wordt later in het seizoen ook op tv vertoond door de VPRO.
 
 
Dit artikel is met toestemming van Fred Lardenoye,
hoofd- redacteur, overgenomen uit Checkpoint,
maandblad voor veteranen.
Editie 8, oktober 2011
 
zie links het originele artikel
 
Aanvulling 22-11-2011
Zie voor meer informatie de website www.timeslikedeese.com 
De film zal ook op DVD verschijnen. Informatie hierover is ook op deze website te vinden.
Lees meer...   (2 reacties)
Domeinregistratie en hosting via mijndomein.nl