barnowlblues.punt.nl
by Eric Campfens

Voor zijn derde soloalbum heeft Dave Hunt, ook bekend als Harmonica Dave, de muzikale weg voortgezet die hij met zijn eerste twee heeft ingezet. Het is een mix van Delta blues en southern rock, terwijl we af en toe een vleugje British R&B te horen krijgen. Dave is al vanaf zijn 18e professioneel muzikant, begonnen als drummer maar als snel gewisseld naar de microfoon en daar verder gegaan als zanger en harmonicaman. In zijn bijna 50-jarige carrière is hij bij een flink aantal bands te horen geweest. In 2014 kwam zijn eerste soloplaat “Box Full Of Blues” uit, een jaar later gevolgd door “Whiskey And Demons”.

Op zijn derde cd “100 Horses” staan twaalf zogenaamde originals. Je zou Hunt een one-man band kunnen noemen. Ook hier is hij op de meeste instrumenten (zang, harmonica, gitaren, drums en bas) te horen. Hij krijgt hulp van Andy Littlewood op toetsen, achtergrondzang en gitaar, terwijl deze ook de meeste nummers samen met Hunt heeft geschreven en ook voor de productie en mix verantwoordelijk was. Als gasten doen nog Pete Nelson (drums), Darren Yates (zang) en de blazers van het MEP Collective mee. De rode draad van het album is een reis door de VS, maar tegelijkertijd is het een metafoor voor een reis door het leven. We gaan op pad met “Across The USA” en (of met!) “100 Horses” en onderweg komen we liefdesverdriet “Love’s Just A Killer”, verlies in “Deadman’s Shoes” en verslavingen in “Rehab”. Het einde wordt bezongen in “Shot Me”. Een mooi album, waarop de verloop van het leven met hoogte- en vooral dieptepunten wordt bezongen.

Website: www.davehuntblues.co.uk

Reacties (2)
Een band, waarvan de leden kennelijk al jarenlang plaatselijk naam weten te maken is Dr. Harpo & 2 The Moon. Afkomstig uit Las Vegas brengt deze band een mix van jump blues, traditionele blues en dit alles doorspekt met americana. De band wordt aangevoerd door Kevin Haggerty alias Dr. Harpo, een harmonicablazer die behoorlijk goed heeft geluisterd naar Lester Butler, Little Walter en Paul Butterfield. In het ware leven is hij chiropractor. Daarbij wordt hij begeleid door gitarist Mark Medina, bassist Tracy 'T-Bone' Smolnik, drummer Richard Burns en toetsenist Bob 'Da Wiz' Ashman. En dit is in grote lijnen zo ongeveer alles wat ik over hen in internet heb kunnen vinden.
 
Van de twaalf nummers zijn er zeven originelen en vijf covers. En verder laten we de muziek het woord maar doen. De aftrap gebeurt met de jumpblues “Toolbox”, waarin duidelijk te horen wie de grote inspiratoren van Dr. Harpo zijn. “On The Radio is een lekker in het gehoor liggende shuffle, dat wordt gevolgd door “Fat Man”. Deze krijgt door het gebruik van de accordeon een zompige zydeco-gevoel mee. Op “I Wanna Know” blaast Harpo zijn longen uit zijn lijf, geeft Ashman een lekkere riedel op de piano en doet ook Medina op zijn gitaar een flinke duit in het zakje. De welbekende jump “Caldonia” volgt en ook bij deze versie blijft het moeilijk om stil te zitten. “Blues Muscle” is gebouwd op een typische Bo Diddley-ritme en is een stevige rocker met een fraaie interactie tussen zang en harmonica.
De ballade “My Baby Don't Iron” is dan weer een rustpuntje te noemen met zijn akoestische gitaar, rustige zang en pianogetingel op de achtergrond. Volledig bijgekomen krijgen we Willie Dixons “Baby Let Me Love You” over ons uitgestort, gevolgd door Little Walters “Up The Line”, waarin – hoe kan het ook anders – een hoofdrol is weggelegd voor Dr. Harpo. Maar ook de piano en gitaar leveren een opwindende bijdrage. Waar het in “Ugly Woman” over gaat hoef ik niet te verraden. Toch knap om zo'n mooi lied te maken over een lelijke vrouw. De titelsong “Where The Blues Live” is een swingende shuffle waarbij twee van de heren de zang voor hun rekening nemen. Medina's wahwah-gitaar komt ertussen met een vlijmscherpe solo en ook Harpo zelf laat zijn mondharmonica duidelijk horen. Als uitsmijter worden we verrast met een medley bestaande uit “Sloppy Drunk”, “She's Murder” en 'Got My Mojo Working”. Ieder krijgt nog even de gelegenheid om te laten horen wat hij kan. Een mooie en opwindende afsluiter.
 
Conclusie:
Een zeer geslaagd album kan het zeker genoemd worden. De productie niet al te glad, maar dat komt m.i. het spel- en luisterplezier juist ten goede. Dr. Harpo & 2 The Moon is een groep ervaren en goed op elkaar ingespeelde muzikanten, die duidelijk plezier hebben in het muziek maken.
 
Lees meer...   (2 reacties)
Gijs Kos is een in Amsterdam geboren kunstschilder en gitarist, die al sinds de tachtiger jaren in Drenthe woont. Het album “Indigo Moods” is een project dat door Gijs is gestart en waarmee hij samenwerkt met bevriende muzikanten uit Hoogeveen, die doorgaans in andere bands spelen. Gijs Kos heeft alle muziek geschreven en hij speelt de electrische en akoestische gitaren. De zang wordt waargenomen door Anna Hoekstra, bekend van andere bands en uit het theater. Daarnaast werken aan dit project nog drummer Rutger Hoorn (van de band van Sara Kroos), saxofonist Wim Koopman (van de band Balance), toetsenist Theo van de Poll (van de band Square) en bassist Berthil Rundervoort (eveneens van de band Square) mee. Verder spelen op dit album nog Hans van Beek (productie, fluit en fretloze bas), Annette Goede (backing vocals) en Leo Harmsen (trompet ) mee.
 
Het eerste nummer “Kind Of Blues” staat meteen als een huis. Strak begeleidt en gesteund door een smeuïgklinkend orgel geeft het de soepele stem van Anna en de relaxte gitaar van Gijs de ruimte er een lekkere slowblues van te maken. “Change The World” is een wat vlotter nummer met prettige tempowisselingen, die naast de scheurende wahwah-gitaar even voor een rustpuntje zorgen. Met de instrumental “After The Storm” wisselen gitaar en saxofoon elkaar mooi af. Hard en zacht, rustige haast sferische gitaartonen en razendsnel vingerwerk vloeien mooi in elkaar over en creëren zo een mooie spanning. Op “Head To Shoes” rockt het allemaal wat meer. Fraaie zang en een prima gitaarsolo zorgen dat het een lekkere blues wordt. De akoestische gitaar zet de prachtige ballade, het titelnummer “Indigo Moods” in en blijft voor een gedegen begeleiding zorgen.
“Lady Day” is een rockend bluesnummer over Billy Holiday; een lekker vlotte song met vlammende gitaarsolo. Met de shuffle “Back To The Blues” wordt maar weer duidelijk hoe groot de vocale capaciteiten van Anna Hoekstra zijn. Hoe zij haar stem buigt, fluistert en dan weer voluit zingt is iets om jaloers op te worden. Gijs leeft zich dan ook nog eens lekker uit op de gitaar. “Breaking News” is een vlot swingend, jazzy nummer, waarbij de gitaar mij af en toe laat denken aan Steely Dan. We gaan met “Time Of Your Life” door in de jazz, maar dan iets rustiger en relaxter. Een verrassend instrument is de fluit, maar dat betekent niet dat deze hier niet op zijn plaats is. Integendeel, dit en de saxofoon die later zijn zegje komt doen geven er zo'n lekker loom zondagochtend gevoel bij.
Met het aanstekelijke “Red Guitar” wordt ook nog de R&B aangedaan. Omdat hij zich kennelijk in het vorige nummer moest inhouden doet Gijs er hier een schepje bovenop. In et jazzy “Crossing The River” gaat het tempo weer een tandje omlaag. Strak begeleid en relaxt gezongen en gespeeld vind ik het een van de mooiste songs van dit album. De instrumental “The Thing” is een jazzy juweeltje. Let op de stuwende bas, die de solisten – achtereenvolgens gitaar, orgel, saxofoon – voortjaagt. Vooral Wim Koopman op de sax valt op door de mooiste solo van dit album. En met “Beyond The Line” hebben we alweer het laatste nummer van de cd bereikt. Het is een lekker rockend R&B-nummer en een waardige afsluiter van dit album.
 
Als conclusie kan ik zeggen dat dit project heeft geresulteerd en een meer dan uitstekend album. Hoewel de muzikanten eigenlijk geen vaste band met elkaar vormen zijn ze uitstekend op elkaar ingespeeld. De songs zijn goed geschreven en opgebouwd. Het is ook een gevarieerd album geworden en blues en R&B worden afgewisseld door jazz, uptempo wordt afgewisseld door ballads en het blijft daardoor spannend. Voor mij persoonlijke is dit een van de beste Nederlandse producties, die ik dit jaar heb gehoord. En ik durf zelfs te beweren dat het zich staande kan houden in de internationale markt.
 
Lees meer...   (2 reacties)

Peter D. Harper is geboren in Groot-Brittannië en is op zijn tiende met zijn familie verhuisd naar Perth in Australië. Naast mondharmonica en keyboards heeft hij zich bekwaamd op de didgeridoo en djembe. Met de uit Detroit afkomstige band Midwest Kind heeft hij onlangs het album “Show Your Love” uitgebracht.

Op het album staan elf door Harper zelfgeschreven en aangenaam in het gehoor liggende nummers. Dat hij uit Australië komt is door het veelvuldig gebruik van de didgeridoo al snel duidelijk. Wat stijl betreft beweegt hij zich in het gebied van de pop/rock, blues en folk. Harper heeft een prettige stem en Midwest Kind is een goede band. Het zijn aangenaam in het gehoor liggende liedjes, zoals ik al schreef. Leuk, maar niet bijzonder, hoewel het gebruik van didgeridoo er wel iets extra’s aan toevoegt. Daarentegen zijn het de teksten die wel opvallen en zorgen voor een extra verdieping in de muziek van Harper and Midwest Kind. Hij schrijft maatschappijkritische teksten en voorziet een donkere toekomst. De cd eindigt met het hoopgevende “I Look At Life Different Now”, waarin hij ons meegeeft dat vrede de beloning is als je maar liefde in je hart draagt.

Een fraai album met fijne muziek en vooral veelzeggende teksten.

Website: www.harper.biz

Reacties (1)

Er wordt nogal eens geklaagd dat de blues dood is, dat er geen zelfgemaakte muziek meer wordt gespeeld en meer van dat soort dingen. Niets is minder waar. Zowel internationaal en nationaal duiken iedere keer weer jonge bands op die terug grijpen op de oude blues. Weliswaar met hier en daar de een of andere invalshoek, maar zoiets heet evolutie. Ook Noorwegen heeft een bloeiende bluesscene en de Heigh Chief is een voorbeeld van zo’n band met jonge honden. Ooit begonnen als de Marcus Løvdal Band hebben de heren al wat stappen weten te zetten. In 2013 wonnen zij zowel de Notodden Bluescup en bereikte de band de tweede plaats in de ‘Battle of the Bands’. Ook waren zij in 2015 en 2016 uitgezonden naar de International Blues Challenge in Memphis. Naast Noorwegen zijn zij een populaire liveband in Duitsland.

De band heeft zich omgedoopt tot Heigh Chief en onder deze naam is nu hun tweede cd, genaamd “Heigh Chief”, verschenen. De band bestaat uit de al genoemde Marcus Løvdal (zang, gitaar), Bjørn Blix (gitaar, zang), Lasse Kulsrud Nordby (bas) en Jonatan Eikum (drums). Op de cd worden zij vergezeld van Hammondorganist Lars Christian Narum. Op de cd staan tien goed geschreven nummers. Wat stijl betreft bewegen de heren zich in de goed in het gehoor liggen de rock, die duidelijk is beïnvloed door blues en soul. Het klinkt allemaal lekker, goed gevarieerd van rocksongs tot ballads. Mijn persoonlijke favorieten zijn de onvervalste bluesrocker “Nothing But To Worry” en de naar het lyrisch neigende “Going South”.

“Heigh Chief” is voor mij een eerste kennismaking met deze Noorse band; een kennismaking die mij aangenaam heeft verrast. Ik denk dat de heren ook live hun mannetje staan.

Website: www.heighchief.com

Reacties (1)

Eigenlijk dateert het album al uit 2012, maar ter gelegenheid van de Europese tournee is deze opnieuw onder de aandacht gebracht. Heritage Blues Orchestra, de naam van de band zegt het allemaal al. Het is een band die het erfgoed van de blues in ere wil houden. Met de veteranen Bill Sims Jr en Junior Mack, beide op zang en gitaren, en zangeres Chaney Sims gaat dit ook uitstekend. De rest van de band bestaat uit Vincent Bucher (harmonica), Kenny “Beedy Eyes” Smith (drums, percussie) en de blazerssectie met Bruno Wilhelm (tenorsax), Kenny Rampton ( trompet), Steve Wiseman (trompet), Clark Gayton (trombone, sousafoon, tuba).


Wat we te horen krijgen zijn twaalf songs, grotendeels covers, die op een geheel eigen wijze zijn gespeeld en gezongen. Junior Mack zingt een prachtige versie van het oude Son House nummer "Clarksdale Moan", Bill Sims Jr neemt de Muddy Waters klassieker "Catfish Blues" voor zijn rekening en Chaney Sims schittert met "C-Line Woman". En ze lossen de elkaar af, verzorgen de achtergrondzang of zingen samen, zoals in "Get Right Church" en "In The Morning".

BarnOwlBlues vindt: De Heritage Blues Orchestra brengen iets totaal nieuws en voegen daarmee iets toe aan de oude blues. Dit album was het debuut en ik denk dat de combinatie van deze doorgewinterde muzikanten ons nog vaker zal verrassen in de toekomt.

www.heritagebluesorchestra.com

Reacties
Hillstomp is een duo, afkomstig uit de bergen van Oregon, dat bekend staat om hun eigenwijze benadering van de Amerikaanse muziek. Live schijnen zij een soort van sensatie te zijn en ook op dit album weten zij dit gevoel over te brengen. In feite is Hillstomp een tweepersoons one-manband met een drumkit dat is samengesteld uit emmers en begeleid door jankende slidegitaar of opzwepende banjotonen weten zij een geluid te creëren, waarop het moeilijk is stil te blijven zitten.
Twee nummers springen er dan nog uit. Dat zijn “Cardiac Arrest In D” en “Satan Is Real”; twee enorm swingende nummers waarop je niet anders kunt dan mee bewegen. Ook “Up Here” is een juweeltje, muzikaal en tekstueel gezien. Een donker aandoende song met aanstekelijke bluesriffs, die toch een positieve boodschap uitdraagt.
Ook voor de banjofans staan er een paar leuke nummers op; de titels “Banjo Song 1” en “Banjo Song 2” verraden al het een en ander. Het is niet iets waar de vonken van afspringen, maar wel aanstekelijk. En op nummers als “Old Plank Road” en “Blue Tick” waan je jezelf in hillbilly country.
 
Een leuke album met muziek, die dateert uit de tijd dat het niemand nog interesseerde of muziek nu Country of Blues heette, maar gewoon muziek was en door iedereen voor iedereen werd gespeeld.
 
Cardiac Arrest In D
Lees meer...   (1 reactie)

Een band met een zeer respectabele staat van dienst is de Hitman Blues Band rond Russell ‘Hitman’ Alexander. Na vier albums, waarvan er twee waren genomineerd voor een Grammy, en een aantal tournees door Europa is zojuist hun vijfde cd, “Blues Enough” verschenen. Naast de al genoemde Alexander, zanger en gitarist, wordt de band gevormd door Kevin Rymer (keyboards), Mike Porter (bas, zang), Guy LaFountaine (drums) en een blazerssectie met saxofonist Michael Snyder, trompettist Eric Altarac en trombonist Alan Alpert.

Als je alleen op de titel afgaat is er genoeg blues te horen op de cd en dat is ook zo. Maar het is niet uitsluitend pure blues dat hier wordt gebracht. Het is een zeer gevarieerd geheel en je hoort rockende blues (“Blues Enough”), jump blues (“Sam The Bluzman”), latin-invloeden (“Fishing Where The Fish Are”), soulblues (“Every Piece Of Me”, “Deaf Dumb And Blind”) en ballads (“Streets Of Downtown”). De band is goed op elkaar ingespeeld, speelt strak en het swingt de pan uit. Mijn favorieten zijn de soulblues “Every Piece Of Me” met grandioos blazerswerk en heerlijke solo van Alexander op gitaar en Rymer op orgel, en “Every Thing You Do”, een haast Texasblues-achtige song met slidegitaar die me wat aan Duane Allman doen denken.

Kortom, een prima cd en een aanrader voor liefhebbers van swingende blues.

Dit is er nog een van hun vorige cd. Maar het geeft een goede indruk van de band.

Reacties (2)

De Hitman Blues Band is het geesteskind van Russell ‘Hitman’ Alexander. Afkomstig uit een muzikale familie – zijn vader was jazzmuzikant – kreeg hij de muziek met de paplepel ingegoten. Vanaf zijn dertiende is hij al in de muziekbusiness werkzaam. Eerst als roady en vanaf zijn vijftiende in diverse bandjes. In 1989 richtte hij de band Hitman Alexander op, die later werd omgedoopt in de Hitman Blues Band. Diverse albums en Grammy Nominations later is onlangs “The World Moves On” verschenen.

De band bestaat naast Alexander (gitaar, zang) uit Kevin Bents (keyboards), Mike Porter (bas), Guy La Fountaine (drums) en de saxofonisten Nick Clifford en Mike Vitale. Wij treffen een cover en twaalf eigen nummers aan, waarvan vijf al eerder zijn uitgebracht maar nu zijn voorzien van blazers. Ons wordt een diversiteit aan stijlen geboden, van drekkige swampblues en cityblues tot rockende en jazzy nummers. Te veel variatie kan een valkuil vormen omdat het lijkt alsof de band zijn richting nog niet heeft gevonden, maar in dit geval werkt het verfrissend en blijft de cd interessant. Mijn persoonlijke favorieten zijn de slowblues “I’m All About You” en de ballade “The World Moves On”.

Website: www.hitmanbluesband.com

Reacties (3)

Oorspronkelijk noemen zij zich een akoestisch bluesduo. Maar met “Shufflin'  The Blues” laten Holly Hyatt en Jon Burden horen dat zij ook elektrisch uitstekend uit de voeten kunnen. Ondersteund door drummer Marvin Walker zijn de negen nummers opgenomen voor een live-publiek. Holly speelt bas en elektrische bas en Jon bespeelt de gitaren en beiden nemen afwisselend de zang voor hun rekening.

Op “Shufflin' The Blues” horen we vijf eigen nummers. De covers zijn achtereenvolgens van Muddy Waters, Memphis Slim, Robert Johnson en Nick Gravenites. Dat geeft een hint over de stijl waar het duo naar verwijst, namelijk de Chicagoblues van de jaren vijftig en zestig. Ik zeg expres 'verwijst', want het is niet de pure Chicagoblues, maar wat we te horen krijgen is er wel door beïnvloed en leunt iets meer naar de jazz. De zang van beiden is helder en goed te verstaan. De nummers liggen goed in het gehoor en klinken gewoon heel lekker. Een puntje van kritiek is dat het album te kort is, namelijk nog geen veertig minuten. Dat had best wat langer mogen zijn.

Website: www.hollyandjon.com

Reacties (2)
Domeinregistratie en hosting via mijndomein.nl