barnowlblues.punt.nl
by Eric Campfens



























































Reacties

61 Ghosts is een duo uit het noordoosten van de VS. Het wordt gevormd door zanger/gitarist Joe Mazzari en drummer Dixie Deadwood. Beiden zijn beïnvloed door zowel de rootsmuziek van John Hiatt en Guy Clark, de Deltablues als het stevige werk van een Link Wray en een Rory Gallagher.

Op de EP “…To The Edge” staan zes door Mazzari zelfgeschreven nummers. Als extra paar handen is bassist J.D. Sipe ingehuurd. Het aanbod op de EP varieert van rauwe, haast punkachtige blues tot bedachtzame akoestische ballads. Het kan haast niet verder uit elkaar liggen, maar ik waardeer beide varianten, omdat ze kwalitatief gewoon goed zijn. Voorbeelden hiervan zijn het ruige “World Gone Crazy” en het intieme “Show Me Your Scars”. Een prima ‘amuse’ voor een eventueel volledig album.

Website: www.61ghosts.com

Reacties (4)

De eerste keer dat ik Alexis P. Suter hoorde zingen was op de cd “No Filter” van John Ginty. Wat een stem. Toen ik haar eigen album “All For Loving You” op mijn mat aantrof kon ik niet wachten om deze te beluisteren en te horen of mijn eerste indruk ook de juiste was. En de eerlijkheid gebied mij te zeggen dat ik niet teleurgesteld ben. Nee, beter nog, de eerste indruk die ik van deze dame kreeg is volledig bevestigd.

De cd “All For Loving You” bestaat uit elf nummers, waarvan tien die door Alexis en/of leden van haar band zijn geschreven, en de Lennon/McCartney cover “Let It Be”. De band bestaat uit Jimmy Bennett (gitaar), Vicki Ben (achtergrondzang), Ray Grappone (drums) en Peter Bennett (bas) met een gastrol voor de al genoemde organist John Ginty. Geboden wordt een mix van blues, soul, gospel en rock. Stuk voor stuk mooie songs gedragen door de geweldige stem van Alexis. Die kan ermee brullen en grommen, maar ook lief en zacht zingen. Mijn favoriete nummers zijn de rockende boogie “Don’t Ya Tell” met prima gitaarwerk van en gospelachtige zang van de dames Suter en Bell, en de slowblues “Another Place And Time”.

Website: www.alexispsuter.com


Reacties (2)
Toen ik deze cd de eerste keer opzette had ik er een beetje dubbel gevoel bij. Bij een dergelijk eerbetoon ga je toch vergelijkingen maken en dan moet ik eerlijk gezegd tot de conclusie komen dat Beverly Jo Scott een heel ander soort zangeres is als Janis Joplin. Haar stem is minder rauw, wat jazzyer en ook gladder. Bij deze eerste keer had ik dus duidelijk de neiging weer naar de echte Janis te luisteren.
Maar als je me nu vraagt of dit een slechte cd is dan moet ik antwoorden dat dit niet zo is en dat het eigenlijk een heel goede cd is. Dus ben ik onbevooroordeeld naar Beverly gaan luisteren, die toevallig nummers van Janis zingt.
Beverly is een Amerikaanse zangeres, die al bijna dertig jaar in Brussel woont en daar een aantal cd's heeft uitgebracht en ook een veelgevraagd achtergrondzangeres is.
Scott wordt op deze live-cd door een uitstekende band begeleid. Behalve nummers van Janis Joplin wordt op deze cd ook nog wat van Bob Dylan en Otis Redding gezongen. Een aantal nummers, zoals “Me And Bobby McGee” en “Mercedes Benz” hebben een eigen arrangement gekregen. Verder passeren prima versies van “Summertime”, “Misery'n”, “Piece Of My Heart” en “Try Just A Little Bit Harder” de revue.
 
Over het algemeen genomen is dit een prima album. Vergeet gewoon de versies van Joplin en luister naar Scott en je wordt aangenaam verrast. Een prima hommage aan een zangeres die afgelopen herfst veertig jaar geleden is gestorven.
 
Lees meer...   (5 reacties)

Ondanks enkele wereldhits uit de zeventiger jaren die iedereen kent ("Lowdown" en "Lido Shuffle") is de naam Boz Scaggs niet echt een begrip. Toch heeft hij steeds min of minder onder de radar mooie albums uitgebracht. Zijn laatste "Speak Low" stamt al weer uit 2008. Met zijn nieuwste cd "Memphis" wil hij de muziek van zijn inspiratoren naar voren brengen. Hoewel hij zelf uit Texas stamt en nooit in Memphis heeft gewoond komt de muziek die de grootste invloed op hem heeft gehad uit deze stad. Met begeleiders als drummer Steve Jordan, die het album ook produceerde, gitarist Ray Parker Jr. en bassist Willie Weeks heeft hij in de Royal Studio in Memphis twee eigen songs en tien covers opgenomen.

Boz Scaggs heeft zich altijd in het bluesachtige soul- of soulachtige bluesstramien bewogen. Kortom, de Memphis-sound. En dat is meteen duidelijk met de opener "Gone Baby Gone", de eerste van twee eigen composities. Een mooi, maar treurig lied, dat wordt gedragen door het orgelgeluid, over alles te willen opgeven nadat zijn liefde weg is gegaan. Al Greens "So Good To Be Here" is de eerste van tien covers waarmee Scaggs een eerbetoon doet aan zijn invloeden. En een prachtig eerbetoon is het zeker geworden. Variërend van de klassieke soul van Al Green, het rauwe van Tony Joe White's "Rainy Night In Georgia", het springerige van Willie DeVille en de pure blues in "Corina, Corina" en "Dry Spell". In het laatstgenoemde nummer doen Keb' Mo' en Charlie Musselwhite mee. Verrassend is de versie van het Steely Dan-nummer "Pearl Of The Quarter". Als afsluiter volgt nog het eigen "Sunny Gone".

Hoewel hij na zijn grote hits niet meer echt heeft gescoord is Boz Scaggs wel steeds albums van een zeer hoog niveau blijven maken. Ook "Memphis" is hierop geen uitzondering. Dit album heeft mij al heel wat luisterplezier bezorgd en dat zal het blijven doen. Zeer aan te raden voor liefhebbers van 'blue eyed soul'.

Reacties
Bij de eerste klanken van deze cd voel je je meteen zo'n 80 jaar teruggezet in het verleden. Het is het beeld van een oude jazzband, zoals je zag in de films van de Marx Brothers. Oldtime jazz, vaudeville of hokum. “Jungle Blues”, het vijfde album van de Australiër C.W. Stoneking, kwam oorspronkelijk al in 2008 uit en het is een soort conceptalbum geworden. Eigenlijk een kleine roman, maar dan vormgegeven in een tiental liedjes. Het verhaal is dat de verteller vier wetenschappers tegenkwam in een bar op Trinidad en hen volgt op hun reis in de jungles van West-Afrika. Het zijn typische jongensboekverhalen en Stoneking heeft er met de muziek, die in die tijd thuishoort, er dan ook een prachtig muzikaal jongensboek van gemaakt. De mysterieuze jungle van Afrika biedt natuurlijk een mooie voedingsbodem voor avontuurlijke verhalen. Voor de muzikale omlijsting gebruikt Stoneking de oude blues en jazz uit de twintiger tot veertiger jaren, deels solo en deels begeleid door de trompet, trombone en saxofoon van de Primitive Horn Orchestra.
De opener en titelsong “Jungle Blues” is een voorproefje van wat we op de rest van de cd kunnen verwachten: een lekker swingend nummer. Met “Talkin' Lion Blues” lijkt hij nog het meest op oerjodelaar Jimmy Rodgers. “Jungle Lullabye” verhaalt op een Tom Waits-achtige manier over de lange en luie dagen met een mooi meisje aan zijn zijde in de jungle. Dan volgt de uptempo “Brave Son Of America” met een prachtig blazersarrangement. Het oorspronkelijk door Wilmouth Houdini (The King Of Calypso) geschreven nummer is in feite een ode aan generaal MacArthur. Van calypso naar old-time blues gebeurt hierin een handomdraai met het solo gezongen en gespeelde “Jail House Blues”, een nummer over een verloren liefde terwijl hij in de gevangenis zit. Met wat babygehuil wordt “Housebound Blues” ingezet, een jazzy bluesnummer dat wordt gezongen door C.W.'s partner Kirsty Fraser. Qua stijl doet het nog het meest denken aan Bessie Smith. Met “I Heard The Marchin' Of The Drum” wordt teruggegrepen op de New Orleans marching bands en in “The Love Me Or Die” rommelt hij wat met voodoo en allerlei drankjes. Twee nummers die makkelijk van een Tom Waits album afkomstig zouden kunnen zijn. In laatstgenoemd nummer wordt zelf ene Matilda bezongen. Toeval? “Early In The Mornin'” is een typische hokum- of jugbandblues, hier dan origineel begeleid door een tuba in plaats van een 'jug'. “The Greatest Liar” laat Stoneking horen als grappenmaker/verhalenverteller begeleid door een jazzbandje. Een typische vaudeville-act.
 
Ieder nummer draagt bij aan het unieke karakter van het album. Goed bedacht, samengesteld en uitgevoerd. Oude blues, vaudeville, jazz en verhaalkunst maken van dit album een boeiend geheel. Boeiend, interessant, maar vooral eigenlijk gewoon leuk.
 
Lees meer...   (1 reactie)

Het heeft zo’n zes jaar geduurd, maar een nieuw album van de eigenzinnige Australiër C.W. Stoneking is een feit. Hij had er wat tijd voor nodig, maar uiteindelijk was het album binnen twee dagen opgenomen. Net als op zijn vorige cd “Jungle Blues” is het duidelijk dat zijn voorkeur niet uitgaat naar moderne muziek. Wat we te horen krijgen is duidelijk beïnvloed door de Amerikaanse muziek van de twintiger tot en met veertiger jaren. Een groot verschil met het vorige album is dat de blazerssectie naar huis is gestuurd en de songs nu worden opgefrist door een vrouwelijk achtergrondkoor.

De nummers klinken aanstekelijk en zetten aan tot dansen. En dat is precies wat Stoneking bedoelt met “Gon’ Boogaloo”. Een leuk album, een feestje. Laat hem nu maar eens deze kant opkomen, want ik heb wel zin in zo’n feestje.

www.cwstoneking.com

Reacties

Larry Teves, zoals de zichzelf Chickenbone Slim noemende zanger en gitarist in het burgerlijke leven heet, komt uit San Diego en heeft een muzikale ervaring van ruim vijfentwintig jaar. In 2015 verscheen zijn debuut-cd “Gone”, die nu gevolgd is door “The Big Beat”. Teves is een groot fan van ouderwetse instrumenten en apparatuur. Hij houdt niet van trucs als overdubs en knalt het liefst zijn muziek direct op de band. Deze voorliefde deelt hij met Big Jon Atkinson van Big Tone Studios, waar zijn beide cd’s zijn opgenomen.

Op het album wordt hij begeleid door zijn band The Biscuits, zo genoemd omdat hij die het liefst eet. The Biscuits bestaan uit de Kid Anderson (gitaar), Jon Atkinson (gitaar, bas, harmonica), Scot Smart (bas, gitaar) en Marty Dodson (drums). Op “The Big Beat”staan negen zelfgeschreven nummers. Het grootste deel dat we horen is gewoon blues, lekker in het gehoor liggend en swingend. Er zijn twee uitstapjes in de richting van de country & western met “Hemi Dodge” en Vodka And Vicodin”, die gewoon goed klinken. Maar persoonlijk geef ik toch de voorkeur aan zijn bluesnummers als “Long Legged Sweet Thing” en “Me And Johnny Lee”.

Website: www.chickenboneslim.com

Reacties (2)
De oplettende lezer zal zich wellicht afvragen waar deze naam eerder gelezen te hebben. Deze is inderdaad nog niet zo lang geleden genoemd in een van mijn recensies. Chuck Schaeffer maakt deel uit van de band 49 Ford, wiens album “That's How We Roll” ik enkele weken geleden heb besproken. (klik) Toen al beschreef ik de prachtige gitaarsolo's van deze man. Naast zijn medewerking aan deze band heeft Chuck ook een solocarrière en zijn eerste cd “Uncommon Sense”, die ik hier ga bespreken, verscheen in 2009.
Maar eerst even wat meer over Chuck Schaeffer. Hij is geboren in Philadelphia en al sinds zijn twaalfde geobsedeerd van muziek en gitaar spelen. Zijn grote droom was altijd om een eigen studio te hebben, waar hij zijn eigen muziek kon opnemen. En in 2009 heeft hij, inmiddels verhuisd naar Florida, dit voor elkaar gekregen. Het album “Uncommon Sense” was een feit. Opvallend is dat Chuck de zang en de meeste instrumenten (gitaren, bas, drums en percussie) voor zijn rekening neemt, daarbij gesteund door zijn muzikale vrienden Larry Kessler (tevens van 49 Ford op Hammondorgel, piano, keyboards), Steve Eisenberg (bas, drums) en Tommy Sakis Tofexis (bas). Het album bestaat uit acht nummers, die allemaal door Chuck zijn geschreven.
 
Met “Mr. Inconsistency” valt hij meteen met de deur in huis. Een rockend bluesnummer met verrassende tempowisselingen en een smeuïge orgelsolo en een vlijmscherpe gitaarsolo over een strak ritme geeft aan wat we verder mogen verwachten. In “Insomnia Blues” wisselen spreek-zang en gewone zang elkaar af. Een leuk nummer over slapeloosheid met geluidseffecten en een klaterende piano voordat Chuck de gitaar echt aanpakt en naar een hoogtepunt toewerkt. Erg verrassend is in “Certain Uncertainty” het rustpunt na een knallend begin, waarin zang alleen wordt begeleid door piano en drums. Dan vallen de andere instrumenten weer in om kort erna te verstommen, hetzelfde nog eens te doen met maar twee instrumenten totdat het geheel weer tot een knallend einde samenkomt. “Bosom To Bosom” begint met ijle samenzang om verder te gaan in een haast Westcoast-achtige te noemen song. De stevige gitaarsolo doet ons er aan helpen herinneren dat we hier toch met blues van doen hebben.
Werd op de vier eerste nummers Chuck alleen begeleid door de toetsen van Kessler, in het vijfde nummer, “Don't Buy The Lies” voegt Eisenberg voor een nummer zich op drums en bas bij het duo. Een prettig in het gehoor liggend nummer waar ook de vocalen het Westcoast-sfeertje weergeven. “Till Your Arms Can't Rock Me Anymore” is een ballade, die is opgedragen aan zijn grote liefde. Een goed opgebouwd en gearrangeerd nummer. Tommy Sakis Tofexis helpt op bas in “Remember Me”. Een goed in het gehoor liggende ballade, dat door het pianowerk met een licht tex-mex-sausje is overgoten. “Godiva's Love” is alweer het laatste nummer op dit album. Een rustige rocksong, dat eindigt in een mooie gitaarsolo en het album waardig afsluit.
 
Het is duidelijk te horen dat Chuck Schaeffer plezier heeft gehad deze songs op te nemen. Omdat hij de meeste instrumenten zelf bespeelt en door de diverse zang- en gitaarpartijen is hij ongetwijfeld een flinke tijd bezig geweest met overdubben. Maar dat is niet te horen en het lijkt alsof gewoon een 'band' speelt. De nummers zitten goed in elkaar en zijn prima gearrangeerd. Het enige puntje van kritiek dat ik heb is dat Chuck niet de allerbeste zanger is, die ik ooit heb gehoord. Je hoort dat hij moeite heeft met de hogere tonen. Maar ach, aan de andere kant bevordert dat ook weer de puurheid en eerlijkheid van het album. Een volgende cd staat op uitkomen en ik ben erg benieuwd hoe deze is geworden.
 
Lees meer...   (4 reacties)
Sinds ik vorig jaar recensies schreef van zijn bands 49 Roll en de Chuck Schaeffer Band hebben Chuck en ik steeds contact gehouden. Hij verraadde me al dat hij een aantal nieuwe songs had opgenomen, waarvan ik een enkele al als preview heb mogen beluisteren. En nu ligt zijn nieuwe EP met vier songs voor mijn neus. Alle vier de songs zijn geschreven door Chuck en hij wordt begeleid door bassist Dave Roman en drummer Bob Martorella. Bovendien doet op twee songs nog Larry Kessler op keyboards mee.
Chuck Schaeffer is geboren in Philadelphia maar hij woont inmiddels al weer geruime tijd in Florida. In zijn muzikale loopbaan heeft hij zoveel verschillende artiesten in zoveel verschillende stijlen begeleid dat hij bekend werd als “De Kameleon”. Maar op zijn eigen albums, zoals “Uncommon Sense”(2011) en deze nieuwe EP kan hij zijn eigen geluid laten horen.
 
Het eerste nummer “The Sound Of The Chameleon” is een beschrijving van zichzelf en zijn muzikale diversiteit. De tekst is veelzeggend en het gitaarwerk doet mij denken aan dat van Ronnie Wood of een vroege Jimmy Page. De zang is nog steeds een zwak punt bij Chuck, hoewel het beter is dan op zijn vorige album. Soms klinkt er wat van Elvis Costello door. “Look No Further” is door de samenzang en Kesslers orgeltonen een mix van rock 'n roll en lichte psychedelica. Maar Chucks vlijmscherpe gitaar maakt een eind aan de zweverigheid en zorgt ervoor dat het rockende blues blijft. Vooral de grappige maar tot nadenken stemmende tekst van “The Only Choice (The Bite Me Song)” en het gitaarduel met zichzelf maken dit voor mij het beste nummer van de EP. En dan zijn we alweer bij de laatste song “Try A Little Gray” aangekomen. Een vlot lopende shuffle met smeuïg klinkende orgelgeluiden en lekker gitaarwerk. De tekst is een oproep niet alles zwart-wit te zien, maar er ook een anders (“gray”) over te denken. Diverse soundbites met de stemmen van o.m. de Dalai Lama, John Lennon, Barack Obama en Nelson Mandela benadrukken deze oproep nog meer.
 
BarnOwlBlues vindt:
Helaas veel te kort, deze EP met vier songs. Het smaakt echt naar meer. Muzikaal zit het allemaal prima in elkaar, de teksten kloppen ook en Chuck laat zien ook nog wat te vertellen te hebben. Zoals ik al schreef blijft de zang het zwakke punt, hoewel er wel een verbetering ten opzichte van het vorige album merkbaar is. Aan de andere kant – ik schreef het al in mijn recensie van het vorige album – blijft zo wel de puurheid gewaarborgd.
 
 
Lees meer...   (4 reacties)
Domeinregistratie en hosting via mijndomein.nl