barnowlblues.punt.nl
by Eric Campfens
Muddy Waters - Chicago, The World
In Muddy Waters - The Mississippi Years heb ik het leven van Muddy Waters beschreven tot aan zijn vertrek uit Mississippi. We gaan hier verder met zijn aankomst in Chicago.
 
In Chicago was het niet zo makkelijk als de jonge man zich had voorgesteld. Het was 1943, midden in de Tweede Wereldoorlog en, hoewel er geld te verdienen was in de oorlogsindustrie, waren het toch ook onzekere tijden. Zowel wat vast werk betrof als in de muziek.
Maar Muddy Waters zette door. Hij werkte inmiddels als vrachtwagenchauffeur en 's avonds maakte hij muziek. De luidruchtige bars bleken niet geschikt te zijn voor de akoestische blues, die Waters uit Mississippi had meegebracht en hij besloot over te stappen naar de elektrische gitaar. Na enkele jaren gespeeld te hebben op houseparty's en in kleinere cafés, die zich aan de zuid- en westkant van Chicago bevonden mocht hij zijn eerste opnamen maken voor het Columbia label.
Helaas werden deze opnamen niet uitgebracht, maar Waters wist mensen van het Aristocrat-label over te halen bij hen opnamen te maken. Een aantal opnamen als begeleider van pianist Sunnyland Slim met bassist Ernest “Big” Crawford onder leiding van producer Lester Melrose brachten bij het publiek niets teweeg.
Sunnyland Slim bleek toch belangrijk te zijn voor de volgende stap in Muddy's carrière. Hij nodigde hem uit als begeleider mee te werken aan opnamen voor het Aristocrat label van de gebroeders Chess. Uit deze sessie van 1947 resulteerde “Johnson Machine Gun”. Aangezien Waters een vaste baan had loog hij tegen zijn baas over een neef die in een steegje was vermoord en dat hij daarvoor een vrije dag nodig had. Toen Sunnyland Slim klaar was met deze sessie zong Waters zelf een paar songs in. "Little Anna Mae"/"Gypsy Woman" werd zijn debuut op Aristocrat. Deze nummers waren al rauwer dan zijn opnamen voor Columbia, maar nog lang niet zo 'down home' als “I Can't Be Satisfied”/”I Feel Like Going Home”, waarmee hij in 1948 zijn eerste grote hit scoorde. Eerstgenoemde had hij enkele jaren daarvoor al als “I Be's Troubled” opgenomen toen Alan Lomax hem thuis in Mississippi bezocht. Deze plaats werd zo'n groot lokaal succes dat Muddy zelf problemen had een exemplaar te bemachtigen op Maxwell Street.
En met deze plaat begon de geschiedenis van de Chicagoblues pas echt. In de volgende jaren verzamelde hij een aantal muzikanten om zich heen, die dezelfde plattelandsachtergrond, maar ook dezelfde ideeën hadden en met deze band werd geschiedenis geschreven.
 
Door de donkere stem van Waters klinkt de Mississippi-blues uit zijn jeugd. Je hoort de echo's van de grote Delta-zangers, zoals Robert Johnson, die hij zo bewonderde. Robert Johnson staat aan de basis van veel van Waters' vroege opnamen, zoals te horen is in "Rollin' Stone" en "Still A Fool" (beiden zijn bewerking van de Delta standard "Catfish Blues"), "Standing Around Crying," "Rollin' And Tumblin'," "Honey Bee," om er maar een paar te noemen.
Het Aristocrat-label was inmiddels overgegaan in Chess. Na deze eerste opnamen, die nog grotendeels Mississippi-blues of bewerkingen ervan waren, breidde hij langzamerhand de traditionele basis van zijn muziek uit door nieuwe instrumenten en arrangementen toe te voegen. Een goed voorbeeld hiervan zijn de opnamen uit 12950 en 1951 als trio met Little Walter op mondharmonica en Big Crawford op bas, die de elektrisch versterkte bottleneck-gitaar ondersteunen op. “Louisiana Blues” en “Long Distance Call” worden terecht als meesterwerken van de moderne blues bestempeld.
Waters' tweede gitarist was Jimmy Rogers, wiens foutloze ritmespel onvergelijkbaar was in de toenmalige blues. Hij verscheen echter niet eerder als 1951 met Waters op de plaat. Dit gebeurde samen met pianist Otis Spann, hoewel zij al wel tot zijn liveband behoorden. Uitgebreid met beiden was het moderne bandformaat compleet en nummers als "I Just Want To Make Love To You," "Hoochie Coochie Man" and "I'm Ready" (1954), "Just To Be With You" (1956) en vele anderen opgenomen.
Met een complete band en de songschrijvers- en producerstalenten van Willie Dixon werden nog grotere hoogten bereikt. Vanaf het midden van de vijftiger jaren heeft Muddy Waters, hoewel de invloeden nog steeds merkbaar zijn, het platteland van zich afgeschud en speelt hij uitsluitend nog cityblues, zoals te horen is in o.m. "She's Nineteen Years Old," "Walkin' Thru The Park," "You Can't Lose What You Ain't Never Had" en "Got My Mojo Working".
 
Door de hele vijftiger jaren heen verstevigde en vergrootte Waters zijn eerste successen door een opeenvolgende reeks van meestal briljante, maar op zijn minst zeer goede opnamen. Hiermee vestigde hij zijn reputatie als bluesman en door hem werd de Chicagoblues de dominante bluesstijl.
Velen probeerden Muddy Waters te imiteren, maar niemand was in staat hem te benaderen. Muddy Waters' band was ook een goede school voor jonge, talentvolle muzikanten. Gitaristen Jimmy Rogers, Sammy Lawhorn en Luther Johnson, harmonicaspelers Little Walter, Junior Wells en James Cotton en de pianisten Otis Spann en Pinetop Perkins richtten allemaal hun eigen bands op en begonnen een eigen carrière. Maar ook de jongere generaties als Buddy Guy, Magic Sam en Otis Rush zetten hun eerste stappen bij de band van Waters.
Hij had er ook helemaal geen probleem mee als zijn muzikanten weer verder wilden: “When one of my band members goes over big, I really like it. A lot of people ain't like that. They don't want to give their band members a break...... Everybody wants to be a star. So I give em a chance. Just let them please their own mind and they feel more freer working.....”
                    
Begin zestiger jaren begon de belangstelling van het zwarte publiek voor de blues van Waters c.s. wat te tanen. Er ging een grotere belangstelling uit naar soul en de soulvollere blues, zoals gespeeld door B.B. King. Maar rond deze tijd begon het blanke publiek belangstelling te krijgen voor de ouderwetse, rauwe blues van Muddy Waters, John Lee Hooker, Big Bill Broonzy enz. Deze belangstelling kwam in eerste instantie voort uit de revival van folkmuziek in de vijftiger jaren, maar werd pas echt gelanceerd toen allerlei Engelse bands de muziek van de zwarte Amerikanen begonnen te vertolken.
Muddy Waters was een van de eerste bluesartiesten, die werden uitgenodigd voor optreden in Groot-Brittannië. Zijn eerste reis, georganiseerd door bandleider Chris Barber, vond al plaats in 1958 toen Waters het keurige Engelse publiek liet schrikken van zijn keiharde blues. De Engelsen waren tot dan alleen nog maar gewend aan de akoestische blues van bv. Big Bill Broonzy. Een ander misverstand volgde twee jaar later toen Waters terugkeerde en akoestisch speelde, terwijl de Engelsen inmiddels weer elektrische blues verwachtten. Deze misverstanden heeft de groeiende populariteit niets in de weg kunnen leggen en ook in Europa groeide hij uit tot een ware ster. Cyril Davis en Alexis Korner waren de eersten die de blues in Engeland groot maakten. Een paar leden van Korners band richtten een eigen badje op en noemden zich naar een van Waters nummer : “Rollin' Stone”. Optredens in bars, kroegen en op houseparty's werden ingeruild voor festivals, grote zalen en universiteiten.
 
Zijn mondharmonicaspeler James Cotton had hem enkele jaren daarvoor al eens gewezen op “Got My Mojo Working”, dat door Ann Cole was uitgebracht. De eigen versie uit 1956 klonk aangenaam, maar dit niets in de hitlijsten. Pas op het Newport Jazz Festival van 1960, toen Waters en band er een stevige versie van neerzetten, werd het onmiddellijk een bluesklassieker. Gelukkig had Chess een band laten meelopen, wat resulteerde in een live-album, die ook nu nog de energie toont die de band destijds tijdens optredens voortbracht.
In navolging van de folkrevival bracht Muddy Waters in 1964 zijn akoestische album “Folk Singer” uit, waarop hij werd begeleid door de jonge gitarist Buddy Guy, bassist Willie Dixon en drummer Clifton James. In oktober van dat jaar reisde hij als onderdeel van het American Folk Blues Festival samen met collega's Sonny Boy Williamson, Memphis Slim, Big Joe Williams en Lonnie Johnson door Europa.
 
Muddy's populariteit onder de Europeanen was groter dan onder zijn eigen landgenoten. Toen de Beatles tijdens hun eerste persconferentie werd gevraagd wat zij het liefst wilden gaan zien, antwoordden zij: “Muddy Waters en Bo Diddley”. De journalist vroeg waar dat was, waarop deze er door de Beatles fijntjes op werd gewezen dat de Amerikanen hun eigen beroemdste inwoners niet eens kenden.
Door al deze veranderingen probeerden het management van Chess Muddy met de tijd te laten meegaan, wat soms resulteerde in wat dubieuze opnamen, die niet altijd door het publiek in dank werden afgenomen. Het psychedelische “Electric Mud” uit 1968 en “After The Rain” van een jaar later zijn daar de voorbeelden van. Gelukkig resulteerde een van deze pogingen in de dubbel-lp “Fathers And Sons”. Hierop speelde hij met een aantal jonge muzikanten, waaronder Paul Butterfield en Mike Bloomfield, die hiermee een eerbetoon aan hem brachten. In 1971 nam hij met Rory Gallagher, Steve Winwood en Georgie Fame “The London Sessions” op.
Na jaren van constant op tournee te zijn geweest, maar weinig platen te hebben gemaakt verliet Waters in 1977 Chess Records. Na samen met Johnny Winter een tournee te hebben gedaan tekende bij Blue Sky, een label dat door deze Johnny Winter werd geleid. “Hard Again” was het eerste album, waarop hij werd begeleid door pianist Pinetop Perkins, drummer Willie Smith en gitaristen Bob Margolin en Johnny Winter. Na een aantal magere jaren eindelijk weer een uitstekend album. Op dit label bracht hij in de volgende jaren nog een drietal prachtige albums uit, die onder de bezielende leiding van Winter ontstonden. In zijn hele carrière trad Muddy Waters bijna constant op, waarbij hij zichzelf altijd helemaal gaf. Zijn muziek bracht hem over de hele wereld en hij werd ook veelvuldig door rocksterren, zoals de Rolling Stones, Paul Butterfield en Eric Clapton, uitgenodigd met hen mee te spelen.
 
Op 30 april 1983 overleed hij thuis in Westmont, IL rustig in zijn slaap. De wereld verloor toen een van de meest invloedrijke en belangrijke muzikanten van de eeuw. Iemand die bijna alleen de blues had omgevormd tot een muzieksoort, die binnen enkele de hele wereld zou veroveren.
 

Reacties

Johnny op 29-01-2011 09:49
Geweldig verhaal. Bedankt. Toch weer een hoop van opgestoken.
KoR op 30-01-2011 11:40
Mooi dat deze bluestoppers onze rockhelden zo hebben geinspireerd.
 
Frenk op 30-01-2011 23:00
Mooi verhaal. Goed vervolg, waar ik al op zat te wachten
 
Greetz
Frenk
Commentaar
Jouw naam/bijnaam
Website url
E-mail
Je Punt profiel
Hou mij op de hoogte
Ik wil op de hoogte gehouden worden
Dit is een verplicht veld
Domeinregistratie en hosting via mijndomein.nl