barnowlblues.punt.nl
by Eric Campfens
Dave Peabody
Een naam die misschien in eerste instantie niet bekend in de oren zal klinken is die van de Britse bluesgitarist Dave Peabody. Toch is deze al sinds de zestiger jaren aktief in de muziek, hetzij als muzikant, producent, componist of fotograaf. Hoogste tijd om eens aandacht aan hem te besteden. Te meer ook omdat hij onder zijn collega's en kenners als een van de beste gitaristen wordt beschouwd, omdat hij op meer dan veertig albums heeft gespeeld en ook omdat hij al drie maal gekozen is als “Acoustic Blues Artist Of The Year”; iets wat Eric Clapton slechts een maal is gelukt.
 
 
David Peabody wordt op 20 april 1948 geboren in het ten westen van Londen gelegen Southall. Zijn vader repareerde klokken en horloges. Beide ouders speelden piano. Dave heeft ook nog twee zussen, maar geen van beiden is muzikaal.
Hij krijgt zijn eerste gitaar als hij een jaar of twaalf is, maar hij raakt pas op zijn zestiende, in 1964, geïnteresseerd in muziek. Hij bezoekt een aantal plaatselijke folkclubs; Davy Graham is een vaste muzikant in een van die clubs. Nadat hij een optreden van Jesse Fuller, met 12-snarige gitaar en mondharmonica in een rek, heeft bijgewoond raakte hij pas echt geïnteresseerd. Maar na een optreden van John Hammond Jr., die ook de blues op zijn akoestische gitaar speelde en de harmonica bespeelde op net zo’n rek, is hij helemaal om. Hij probeert ook op deze manier te gaan spelen. Daarnaast luistert hij naar de plaatselijke jugbands als The Jug Trust en Panama Limited Jug Band en de opnamen van Gus Cannon’s Jug Stompers en de Memphis Jug Band uit de twintiger jaren.
Dave’s eerste band is The Honest John Three, waarmee hij in 1966 de eerste en enige National Jug Band Contest wint. Na de middelbare school bezoekt Dave verschillende kunstacademies. In 1966 bezoekt hij het Hornsey College of Art in Londen, van 1967 tot 1970 het Plymouth College of Art in Plymouth, Devon en van 1970 tot 1973 het Royal College of Art in Londen. Zijn specialiteit is fotografie en hij combineert dit met zijn liefde voor muziek door zich voornamelijk op muziekfoto’s te concentreren.
 
Tijdens zijn studietijd in Plymouth is Dave lid van Pongo Flossy Goodtime Merger, dat zichzelf omdoopte in Vintage Jug Band. Terug in Londen wordt zijn volgende band Tight Like That, maar omdat de platenmaatschappij een komische naam a la Mungo  Jerry wilde  hebben wordt  de band Polly Floskin  genoemd.  En met deze band maakt hij zijn eerste opnamen. Deze worden op de lp met de naam “Sailin' On The Ocean” uitgebracht. Hoewel hij de band liever Tight Like That had willen blijven noemen accepteert hij de wijziging om toch zijn eerste lp te kunnen uitbrengen.
Het eerste solo-album, genaamd “Peabody Hotel” van Dave verschijnt in 1973, een jaar later gevolgd door “Keep It Clean”. Daarna volgen in de zeventiger jaren nog “Come And Get It” (1976), “Blues In Brussels” (1977) en “Payday” (1979). Naast eigen werk speelt hij ook harmonica met de Hot Vultures en op de lp “Last Train South” van Brian Golbey en Nick Strutt. Voor het laatste album verzorgt hij ook de productie en de fotografie.
Daarna verschijnen twee albums samen met ex-Savoy Brown pianist Bob Hall: “Down The Road Apiece” (1981) en “Roll And Slide” (1984). Op dit laatste album speelt ex-Fleetwood Mac en ex-Savoy Brown bassist Bob Brunning op enkele nummers mee. Deze heeft samen met Hall in Savoy Brown gespeeld en de Brunning Sunflower Blues Band en beiden zullen later de De Luxe Blues Band oprichten. Voor een aantal albums van laatstgenoemde band verzorgt Dave dan weer de fotografie. Op “Roll And Slide” spelen verder o.m. Dave Green (akoestische bas) en Paul Jones (ex-Manfred Mann en Blues Band) op mondharmonica mee
Dan volgt in 1987 het solo-album “Americana” waarop onder meer Flaco Jimenez, Charlie Musselwhite en Big Joe Duskin meespelen. In 1993 werkt Peabody samen met Big Boy Henry, Robert Lucas, Chicago Bob Nelson en Big Joe Louis & His Blues Kings, wat het album “Hands Across The Sea” oplevert.
                      
Zijn eerste prijs valt hem in 1995 ten deel als hij voor het eerst wordt verkozen tot “UK Acoustic Blues Artist Of The Year”. Een jaar later werkt hij samen Cora May Bryant (dochter van Curley Weaver), Steve James en harmonicaspeler Neal Pattman, die toen al over de zeventig was. Dit levert het album “Down In Carolina” op.
Datzelfde jaar, in 1996, wordt Peabody gevraagd voor de King Earl Boogie Band. Deze band komt voort uit Mungo Jerry en is jaren eerder opgericht door twee originele leden van deze band, t.w. gitarist/harmonicaspeler Paul King en keyboardspeler Colin Earl. Als King de band verlaat wordt Peabody gevraagd hem te vervangen en hij is sindsdien steeds een lid van deze band gebleven. Tijdens het Skagen Festival in Denemarken worden in 1998 door de Deense radio opnamen gemaakt, die een jaar later onder “Feelin' Good – Live In Denmark” worden uitgebracht. Een tweede live-album “Loaded And Live” verschijnt in 2006 en wordt in 2009 opnieuw uitgebracht.
Naast zijn lidmaatschap van de King Earl Boogie Band blijft Peabody zowel solo als met andere artiesten optreden en opnamen maken. Zo verschijnt in 2000 met harmonicaspeler Brendan Power “Two Trains Running”, in 2005 het solo-album “Side By Slide”, waarin Dave duetten speelt met drie gitaristen, t.w. Mary Flower, Michael Messer en Steve James. In 2009 verschijnt “Frets & Keys”, dat hij met KEBB-maatje Colin Earl opneemt. Opgetreden heeft hij  o.a. met  Honeyboy Edwards (sinds 1990 in UK, Ierland, België, Scandinavië), Charlie Musselwhite (in de UK en op diens albums “Cambridge Blues” en “Up And Down The Avenue”) en Big Joe Duskin (UK en productie en deelname aan “Don't Mess With The Boogie Man”). Verder heeft hij nog gespeeld en getoerd met o.m. Memphis Slim, Sonny Terry, Louisiana Red, John Hammond Jr., Dave Van Ronk, Spider John Koerner en vele anderen.
 
Het is vooral het spel op de akoestische gitaar, zowel met bottleneck- als fingerpicking-techniek, waarmee hij bekend wordt en waardoor hij zo wordt gewaardeerd. In 2001 en 2002 wordt hij nogmaals gekozen als “UK Acoustic Blues Artist Of The Year”. Deze prijs is in andere jaren door Eric Clapton en Dave Kelly in de wacht gesleept, maar Dave Peabody is de enige die deze drie maal heeft gewonnen.
Naast werk als muzikant en fotograaf schrijft hij artikelen voor fRoots Magazine en heeft hij lesgegeven in blueszang aan het WAC Performing Arts and Media College in Londen. Maar Dave zou Dave niet zijn als hij het zou laten bij zangles. Zijn studenten krijgen ook een flink stuk bluesgeschiedenis van hem mee. Ook tijdens zijn optredens zingt en speelt hij niet alleen; hij vertelt ook hoe de songs werden geschreven, door wie en onder welke omstandigheden ze tot stand kwamen.
Dave is nog steeds lid van de King Earl Boogie Band, maar ook treedt hij zowel solo als in duo met o.m. Brendan Power, Bob Hall en Colin Earl op tijdens festivals en ik pubs.
 
Onlangs is een nieuwe cd uitgekomen “Meetings With Remarkable (Blues) Men”, die hij samen met Bob Hall heeft opgenomen. In 2012 is een nieuw studio-album met de King Earl Boogie Band gepland, die in het voorjaar moet uitkomen en er is een nieuwe tournee met Spider John Koerner in de planning.  
Van stilzitten is zeker nog geen sprake en Dave Peabody zal ons zeker nog met veel mooie muziek verblijden.
 

Reacties

Frenk op 27-11-2011 11:26
Grote klasse. wat een gitarist!
barnowlblues op 05-07-2012 07:45
De biografie van Dave Peabody is HIER te lezen.
Commentaar
Jouw naam/bijnaam
Website url
E-mail
Je Punt profiel
Hou mij op de hoogte
Ik wil op de hoogte gehouden worden
Dit is een verplicht veld
Domeinregistratie en hosting via mijndomein.nl