barnowlblues.punt.nl
by Eric Campfens
Jimmy Reed (1925 - 1976)

Wat invloed op jongere generaties betreft mag, naast Muddy Waters, Howlin'  Wolf en B.B. King, een man als Jimmy Reed zeker niet ontbreken. Zijn wat slepende zang, schel klinkende harmonicageluid en boogieachtige ritmes werkten aanstekelijk. Bovendien was zijn muziek niet moeilijk na te spelen en dat is een van de redenen dat veel jonge bandjes zijn songs in hun repertoire opnamen en zo verder verspreidden.

 Op 6 september 1925 wordt Mathis James (Jimmy) Reed geboren op een plantage in de buurt van Dunleith, Mississippi. Hij een van tien kinderen in het gezin. Zijn vader pacht een stukje land, het zogenaamde 'share-cropping'. De beginselen van mondharmonica en gitaar spelen worden hem bijgebracht door zijn maatje Eddie Taylor, die dan al als semiprofessioneel muzikant werkt. Die twee kennen elkaar al sinds hun zevende. Als Jimmy vijftien jaar oud is verlaat hij het ouderlijk huis en na enkele jaren rondgezworven en op straat gespeeld te hebben verhuist Reed in 1943 naar Chicago. Al snel wordt hij opgeroepen voor dienstplicht en hij blijft tijdens de duur van de oorlog twee jaar bij de marine. Na zijn ontslag keert hij voor korte tijd terug naar Mississippi, waar hij met zijn vriendin Mary Lee David trouwt. Samen verhuizen zij naar Gary, Indiana. Daar werkt Reed als slager bij Armour Foods, een bedrijf dat vlees verpakt, en in zijn vrije tijd duikt hij in de bloeiende bluesscene in Gary en het nabijgelegen Chicago. In 1950 zegt hij zijn baan op bij de ijzergieterij, waar hij dan werkt, om zich helemaal aan de muziek te wijden.

Aan het begin van de vijftiger jaren maakt hij deel uit van de Gary Kings, de begeleidingsband van John Brim. Reed is bijvoorbeeld te horen als harmonicaspeler op hit "Tough Times"/"Gary Stomp". En hij speelt op straat met Willy Joe Duncan, die een elektrisch versterkt eensnarig instrument bespeelt, dat hij de Unitar noemt. Het lukt hem maar niet zelf een contract bij een platenmaatschappij te krijgen en nadat hij ook door Chess is afgewezen neemt Albert King, de latere gitaarheld die toen nog bij John Brim drumde, hem mee naar het pas opgerichte Vee-Jay Records. Daar maakt Reed in 1953 zijn eerste opnamen en wordt hij herenigd met zijn oude vriend Eddie Taylor. Deze partnerschap zou voortduren tot aan de dood van Reed. Het succes blijft even uit, maar als in 1955 zijn derde single "You Don't Have To Go" met "Boogie in the Dark" als b-kant op de vijfde plaats van de Billboard R&B-lijst terechtkomt is zijn naam gemaakt. Een jaar later herhaalt hij dit met "Ain't That Loving You Baby", dat op de zevende plaats van de hitlijst komt. Hij heeft een hele serie hits tussen 1955 en 1961, waarvan de grootste, "Bright Lights Big City" in september 1961 op de derde plaats terecht komt. 

Maar hoewel hij meer platen verkoopt dan Muddy Waters, Elmore James of Howlin'  Wolf oogst hij er niet dezelfde roem en verdiensten mee als deze collega's. Jimmy Reed kan dit gewoon niet aan. Hij raakt aan de drank, wordt alcoholist en het daaruit voortvloeiende ontaarde gedrag maakt van hem het mikpunt van spot onder zijn medemuzikanten. Er doen allerlei verhalen over hem de ronde, waaronder die keer dat hij in de coulissen van een theater tegen een jurk van een zangeres urineert voordat zij het toneel op moet. Sommigen vragen zich nog steeds af hoe hij überhaupt kan staan en optreden en bovendien zijn publiek kan blijven boeien. Toen hij in 1957 aan epilepsie begon te lijden bleef dat een tijdlang onontdekt, omdat hij vaker aanvallen van delirium tremens had. Eddie Taylor vertelde later hoe hij in de studio vlak voor Reed ging zitten om hem te vertellen wanneer hij moet beginnen met zingen, wanneer hij harmonica moet spelen en wat hij op de gitaar moet spelen. Vaak is hij de teksten, die hij zelf heeft geschreven, vergeten en moet zijn vrouw, bij iedereen inmiddels bekend als Mama Reed, hem deze influisteren. Dit is bijvoorbeeld duidelijk te horen op "Big Boss Man" en "Bright Lights Big City", waarop zij meezingt om hem te helpen het ritme aan te houden.

Ondanks deze toestand, zijn onstabiele gedrag en persoonlijke problemen maakt dat voor het publiek helemaal niets uit. De critici laten zich laatdunkend uit over het gebrek aan variatie in zijn werk en het feit dat hij schijnbaar steeds meer een parodie van zichzelf maakt. Het publiek blijft enthousiast en zijn platen worden goed verkocht. In totaal komen zijn platen elf keer in de Billboard 100 Poplijst en zelfs veertien keer in de R&B-lijst. Een getal dat geen andere artiest, zelfs niet de immens populaire B.B. King, heeft weten te halen.

                 

Jimmy Reeds werk kenmerkt zich door zijn relaxte stijl. Hij begeleidt zichzelf door met zijn voet de maat aan te geven. Wat dat betreft lijkt zijn werk nog het meest op de eveneens relaxt stijl van uit Louisiana afkomstige artiesten als Lazy Lester en Slim Harpo. Begin zestiger jaren trekt hij aan hele schare fans aan uit een hoek, die hij zelf ook niet kon vermoeden. De Rolling Stones nemen in 1962 zijn "Honest I Do" voor hun eerst album op en schrijven zelf het op Reed geïnspireerde "The Spider And The Fly" voor hun tweede album. Them neemt "Bright Lights, Big City" op, de Yardbirds eren hem met het instrumentale "Like Jimmy Reed Again" op en de Pretty Things spelen "Big Boss Man". In de VS zelf is zijn invloed merkbaar bij de Grateful Dead, spelen de Steve Miller Band, Jimmy Vaughan en Omar Dykes zijn songs en hoor je zijn mondharmonicaspel terug in dat van Bob Dylan en Stevie Wonder.

Door de achteruitgang in zijn gezondheid door alcoholisme en epilepsie blijft zijn werk niet van hoge niveau van andere bluesartiesten uit die tijd. Dit loopt synchroon aan de inzinking van Vee-Jay Records en met Reeds laatste single "Don't Think I'm Through" houdt ook het label op met bestaan. In 1968 maakt hij opnamen voor het Bluesway label en toert hij door Europa als onderdeel van het American Folk Blues Festivalprogramma. Al Smith, de manager van Reed, weet vervolgens een contract af te sluiten met het nieuwe ABC Bluesway. Op dit label verschijnen tot in de zeventiger jaren enkele lp's, maar deze ontberen de aantrekkingskracht van het oude werk. Zijn laatste lp probeert aan te sluiten bij de moderne tijd door het gebruik van funkritmes en wah-wahgeluiden.

In zijn laatste jaren krijgt Jimmy Reed eindelijk de medische zorg die hij nodig heeft voor zijn epilepsie. Hij stopt met drinken, maar het is al te laat. Terwijl er voorbereidingen voor een comeback worden gemaakt overlijdt Jimmy Reed op 29 augustus 1976 in Oakland, Californië aan een door een epileptische aanval veroorzaakte ademstilstand. Hij wordt gevonden door Michael de Jong, die dan in Reeds band speelt. Jimmy Reed zou acht dagen later 51 jaar oud geworden zijn. Hij ligt begraven op de Lincoln Cemetery in Wordt, Illinois. In 1980 wordt hij opgenomen in de Blues Hall of Fame en in 1991 in de Rock and Roll Hall of Fame.

Ondanks de ellende die hij heeft meegemaakt, veroorzaakt door alcoholisme en de daaruit veroorzaakte en versterkte ziektes, is zijn muziek gewoonweg vrolijk te noemen. De ritmes zijn vlot en aanstekelijk en het is moeilijk om niet mee te bewegen. Het droevige is dat hij van zijn grote succes nooit echt heeft kunnen genieten. Hij verkocht immers meer platen dan zijn tijdgenoten. Maar door de grote invloed die hij op volgende generaties had leeft zijn muziek altijd nog voort.

 

Reacties

Henk op 15-11-2013 10:52

Geschiedenis

Commentaar
Jouw naam/bijnaam
Website url
E-mail
Je Punt profiel
Hou mij op de hoogte
Ik wil op de hoogte gehouden worden
Dit is een verplicht veld
Domeinregistratie en hosting via mijndomein.nl