barnowlblues.punt.nl
by Eric Campfens
Otis Spann (1930 - 1970)

Als vaste pianist in de band van Muddy Waters is hij vrij laat aan zijn eigen carrière begonnen. En deze carrière werd ruw voortijdig beëindigd door zijn vroege dood. Toch is Otis Spann voor veel pianisten het voorbeeld en heeft hij met zijn typerende, rollende pianospel de Chicagobluesstijl mede bepaald.

Otis Spann wordt op 21 maart 1930 geboren in Jackson, Mississippi als een van vijf kinderen in het gezin. Zijn echte vader zou pianist zijn, die bekend staat als Friday Ford. Zijn moeder Josephine Erby is gitariste en werkte met Memphis Minnie en Bessie Smith, en zijn stiefvader, Frank Houston Spann, was predikant en muzikant. Op zij zevende begint Otis met pianospelen. Hij krijgt hiervoor les van zijn echte vader Friday Ford, zijn stiefvader Frank Spann en ook van Little Brother Montgomery. Als hij acht jaar oud is wint Otis een talentenshow in het Alamo Theatre. De eigenaar van het theater huurt hem in om, gekleed in jacquet en met hoed, tussen de verschillende acts door piano te spelen. Vanaf zijn veertiende speelt hij in allerlei bands in de omgeving van Jackson. Als tiener doet hij mee aan de Golden Gloves bokswedstrijden en hij beweert met 28 knockouts te hebben gewonnen in een serie van 48 bokswedstrijden. Ook speelt hij American Football en is hij een tijdje professioneel bokser. Deze sportcarrière wordt onderbroken als hij in 1946 voor militaire dienst wordt opgeroepen. Na zijn diensttijd vertrekt Otis in 1951 naar Chicago, waar hij werk vindt als stukadoor. In de avonduren verdient hij bij als pianist en uiteindelijk krijgt hij een vaste job als pianist bij de Tick Tock Lounge waar hij solo of met gitarist Morris Pejoe tot 1953 blijft spelen. Hij wordt door pianist Big Maceo Merriweather onder de hoede wordt genomen.

Eind 1952 vervangt hij Merriweather als pianist bij Muddy Waters en hij is voor het eerst te horen op "Blow Wind Blow" / "Mad Love (I Want You to Love Me)", dat is opgenomen op 24 september 1953. Met de komst van Spann heeft Waters eindelijk zijn idee van een bluesbigband kunnen verwezenlijken. Hiermee komt hij helemaal weg van het intieme Deltabluesgeluid. Otis, die door Waters diens halfbroer wordt genoemd, speelt een bescheiden rol binnen de band. Bescheiden in die zin dat hij niet vaak op de voorgrond trad, maar duidelijk wel een stempel op het geluid van de band drukt met zijn subtiele loopjes tot en met donderende boogie. Spann zal tot 1968 bij Waters blijven en zijn smaakvolle spel is te horen op klassiekers als "Hoochie Coochie Man" en "I Just Want to Make Love to You". Daarnaast blijft hij als soloartiest optreden en is hij ook sessiemuzikant bij andere artiesten als Bo Diddley en Howlin' Wolf. Hij is onder meer te horen op diens klassiekers "How Long", "Forty-Four" en "Evil (Is Goin' On)". Voor Chess neemt hij onder meer in 1954 de single "It Must Have Been the Devil"/"Five Spot" op met B.B. King en Jody Williams op gitaar. In 1956 volgen nog twee songs met Big Walter Horton en Robert Lockwood Jr., die nooit worden uitgebracht. Blijkbaar had Chess geen interesse in Spann en voor het solowerk zocht hij elders zijn heil.

In oktober 1958 krijgt Waters de uitnodiging voor een tournee door Groot-Brittannië. Omdat de fondsen beperkt zijn kan hij niet zijn hele band meenemen, maar Otis Spann vergezelt hem op deze reis. Het Britse publiek, dat dan gewend aan skiffle en akoestische bluesartiesten als Big Bill Broonzy, Brownie McGhee en Sonny Terry zijn onaangenaam verrast van de herrie die met de elektrische versterkte instrumenten wordt geproduceerd. In een krant wordt geschreven over ‘Screaming guitar and howling piano’. Terug in Chicago blijft Spann opnames maken voor Waters, waaronder de single “Mean Mistreater”. Hij begeleidt hem ook op het inmiddels legendarische optreden tijdens het Newport Jazz Festival 1960. Ook speelt hij in 1962 met Buddy Guy op diens opnamen voor Chess, "First Time I Met The Blues" en "Stone Crazy".

                      

Op 23 augustus 1960 worden in New York opnamen gemaakt met Lockwood en zanger St. Louis Jimmy, die later verschijnen op de albums "Otis Spann Is The Blues" en "Walking The Blues". Bij Storyville Records verschijnen in 1963 opnamen, die zijn gemaakt in Kopenhagen. Bovendien werkt hij met Muddy Waters en Eric Clapton voor Decca Records en met James Cotton in 1964 voor Prestige. Met de band van Muddy Waters begeleidt hij in 1966 John Lee Hooker op “Live at the Cafe Au-Go-Go”. In 1966 verschijnt bij ABC-Bluesway "The Blues Is Where It's At", met ondersteuning van George "Harmonica' Smith, Muddy Waters en Sammy Lawhorn. Het klinkt als een livealbum, maar is toch in een studio opgenomen. Een aantal genodigden is tussen de songs weliswaar luid en duidelijk aanwezig.

In 1967 trouwt Spann met Lucille Jenkins, een gospel- en blueszangeres, die ook op zij album  "The Bottom Of The Blues", een deel van de zang voor haar rekening neemt. Verder is Spann in de zestiger jaren te horen op albums van Buddy Guy, Big Mama Thornton, Peter Green, Fleetwood Mac en natuurlijk steeds op die van Muddy Waters. De laatste jaren dat Spann met Muddy Waters speelde worden bekroond door het album "Fathers And Sons". Maar hij was er nu klaar voor een solocarrière te beginnen. Er volgen opnamen voor het Blue Horizon label met Fleetwood Mac als begeleiders. Deze set resulteert in "Hungry Country Girl". In 1969 geeft hij zijn plaats in de band van Waters af aan Pinetop Perkins.

Maar helaas zal een solocarrière niet gaan lukken. Otis Spann krijgt leverkanker en op 24 april 1970 overlijdt hij hieraan. Hij wordt begraven op het Burr Oak Cemetery in Alsip, Illinois. Bijna dertig jaar lang ligt hij in een ongemarkeerd graf tot Steve Salter, hoofd van het Killer Blues Headstone Project, een brief schrijft aan het tijdschrift Blues Revue met de oproep hier iets aan te doen. Donaties uit de hele wereld stromen binnen en op 6 juni 1999 wordt tijdens een privéceremonie de grafsteen onthuld. De tekst erop luidt "Otis played the deepest blues we ever heard - He'll play forever in our hearts". In 1980 wordt Spann postuum opgenomen in het Blues Hall of Fame.

Reacties

Commentaar
Jouw naam/bijnaam
Website url
E-mail
Je Punt profiel
Hou mij op de hoogte
Ik wil op de hoogte gehouden worden
Dit is een verplicht veld
Domeinregistratie en hosting via mijndomein.nl