barnowlblues.punt.nl
by Eric Campfens
Band of Friends – interview De Boerderij, Zoetermeer 31 januari 2015

Op 31 januari 2015 trad de Band of Friends op in De Boerderij, Zoetermeer. Voor het optreden kregen wij de gelegenheid om Gerry McAvoy, Ted McKenna en Marcel Scherpenzeel in hun kleedkamer te spreken. De foto’s zijn van Kuno Mooren, de tekst is van Eric Campfens.

Band of Friends, gewijd aan de muziek van Rory Gallagher, bestaat inmiddels al weer enkele jaren. Hoe kwamen jullie (Gerry en Ted) op het idee om, na vele jaren bij andere bands gespeeld te hebben, weer de muziek van Rory te gaan uitvoeren?

Gerry: Het moet al zo’n zes of zeven jaar geleden zijn dat ik op zolder een oude platenspeler vond. Bedekt met stof. Ik heb hem tevoorschijn gehaald en ben toen weer eens mijn vinylplaten gaan draaien. Dat was geweldig. Het geluid van elpees is gewoon veel mooier dan het digitale geluid van tegenwoordig. En tussen mijn vinylplaten zaten natuurlijk ook de oude albums van Rory, waar ik allemaal op heb meegespeeld. Dat vond ik zo fantastisch klinken dat het plan ontstond om weer eens wat met zijn muziek te gaan doen. Ik ben wat rond gaan bellen en al snel was Ted van de partij en tijdens een Rory Gallagher-dag in Zaandam kwamen we Marcel tegen. Dat klikte perfect en zo hadden we de band bij elkaar.

Haden jullie verwacht dat het zo’n groot succes zou gaan worden toen jullie met Band of Friends begonnen? De oude Rory-fans hadden het ook als slechts een tributeband kunnen beschouwen.


Helemaal niet. We hadden er absoluut geen verwachtingen van. We kwamen gewoon samen om te spelen. Maar dat het zo succesvol zou worden hadden we eigenlijk nooit kunnen bedenken.

In het begin deden verschillende gitaristen met jullie mee. Zo heb ik eens een optreden gezien met Julian Sas. Hoe is Marcel er als vast bandlid bij gekomen?

Er hebben inderdaad verschillende gitaristen meegespeeld, maar dat was meer ter gelegenheid van Rory-memorials of iets dergelijks. We gaven onszelf toen de naam Band of Friends omdat we vrienden waren van elkaar en van Rory. Vanaf het moment dat Marcel meespeelde was duidelijk dat hij dezelfde benadering van muziek had als wij. De bandnaam is verder zo gebleven.

Hoe is het om de songs van Rory te spelen zonder Rory?

Geweldig. Ted heeft een jaar of vier bij Rory gespeeld en ik twintig. De eerste keer kwamen wij samen in de Maloe Meloe, de club van Marcels vader, om te repeteren en het was alsof we nooit iets anders hadden gedaan.

Hebben jullie feedback gehad van de andere voormalige leden van Rory’s band? Wat vinden zij ervan dat jullie nu succes hebben met zijn muziek.

Helaas zijn een aantal inmiddels overleden, zoals Rod d’Ath en Lou Martin. Die kunnen dus geen kritiek meer hebben. Wel is John Wilson (drummer van Taste, red.) al enkele keren wezen kijken en die vindt het allemaal prima wat we doen.

Er wordt vaak gezegd dat Rory een vriendelijke man was, een warme persoon. Is dat echt zo? Ik kan mij voorstellen dat hij in de laatste jaren, toen hij al ziek was, niet iedere avond even gezellig kon zijn.

Rory was echt een van de aardigste en vriendelijkste mensen die wij hebben gekend. Zijn laatste jaren hebben wij beiden niet meegemaakt en hij had zeker problemen met zijn gezondheid, maar hij bleef hartelijk. Echter, hij was wel een echte leider en gaf duidelijk aan hoe en wat hij wilde. Maar dat is logisch als het jouw band, jouw muziek is. Daar is niets mis mee.

Merken jullie dat het publiek weer meer interesse krijgt in Rory’s muziek als ze jullie hebben horen spelen.

Dat is wel zeker. We zien ouderen die Rory’s muziek al kennen, maar ook veel jongeren die hem nooit hebben meegemaakt en zijn songs voor het eerst horen. Onlangs traden we op in Griekenland en daar was zeker 60 procent van het publiek jonger dan dertig. Mooi toch, dat die van deze muziek houden.

Hoe vindt Marcel het om in de grote voetstappen van Rory te treden?

Marcel: Geweldig. Dat is het mooie van muziek. Rory speelde blues, rock, country en daar hou ik ook van. Ik speel weliswaar de songs van Rory, maar ik leg er mijn eigen ziel in. Ik heb bijvoorbeeld mijn eigen timing. Het is fantastisch om dit te mogen doen.

Jullie wonen niet bij elkaar in de buurt. Gerry woont in Frankrijk, Ted in Glasgow, Schotland en Marcel in Amsterdam. Hoe pakken jullie dat aan met repetities?

Dat gaat vrij goed. Regelmatig komen wij bij elkaar in een dorpje in het graafschap Cumbria in Noord-Engeland. Daar logeren we in een B&B en maken er gebruik van een studio. Verder is er bijna niets, alleen maar schapen.

In 2013 brachten jullie een eerste cd/dvd uit getiteld “Too Much Is Not Enough”. De cd bevat zeven songs, waarvan zes zelfgeschreven nummers. Hoe werd dit ontvangen?

Heel erg goed. Omdat we al een tijdje een band vormden vonden we het tijd om een volgende stap te doen en eigen materiaal uit te brengen. De wijze waarop we de songs schrijven is vrij uniek. Het is niet zo dat een van ons met een kant-en-klare song aankomt. Nee, we gaan bij elkaar zitten en werken er dan samen aan. Ook nu zijn we bezig met nieuwe songs voor een compleet album.

Hoe reageert het publiek als jullie eigen songs worden gespeeld.

Haha, dat laten we je na vanavond weten. Nee, prima. Die worden goed ontvangen, de respons is goed.

Je vertelde zojuist al dat jullie aan een nieuw album werken. Wanneer komt die uit en wat zijn de verdere plannen?

Wij denken eraan om het nieuwe album later dit jaar uit te brengen. Maar niet helemaal aan het eind van het jaar. Verder blijven we optreden. En (grijnzend) we hebben plannen voor een pornofilm. Gewoon met ons drieën. “Too Much Is Not Enough” zal de titel zijn.

En daarna? Meer Band of Friends en minder Rory?

Dat weten we nog niet. We zien wel wat er op ons pad komt. Ongetwijfeld zullen we meer eigen materiaal spelen, maar de songs van Rory zullen nooit helemaal verdwijnen.

Merken jullie een verschil in de houding van het publiek van vroeger en nu? En vooral wat betreft het praten tijdens concerten. Hebben jullie daar ook last van?

Het publiek zelf is niet veranderd. De band speelt goed of slecht en daar reageert het publiek dan ook op. Dat is altijd al zo geweest. We zien wel dat er gepraat wordt tijdens de optredens, maar dat kan ook gaan over de muziek, de instrumenten en dergelijke. Dat horen we verder niet. Wat wel opvalt is, dat als er een bar in de zaal is, er meer wordt gekletst dan wanneer die zich buiten de zaal bevindt. We kunnen ons voorstellen dat zoiets dan de anderen stoort.

(Tijdens het optreden brult Gerry tussen twee songs door inderdaad een keer “shut up at the bar!”

 

Bedankt voor jullie tijd en dit interview.

En jullie bedankt en veel plezier vanavond.

Reacties

Commentaar
Jouw naam/bijnaam
Website url
E-mail
Je Punt profiel
Hou mij op de hoogte
Ik wil op de hoogte gehouden worden
Dit is een verplicht veld
Domeinregistratie en hosting via mijndomein.nl